over        index        theorie      webshop

De Vrouwenhaat Files   english

CW / TW: vrouwenhaat, intimidatie, misbruik, pesten, geweld.

Op het moment dat ik dit begin te schrijven, ben ik 60 jaar. En al weet ik bijna niets meer van mijn eerste levensjaren, al van jongsaf aan heb ik vervelende ervaringen vanwege het feit dat ik geboren ben als vrouw, en dat betekent dus al 60 jaar lang slachtoffer zijn van vrouwenhaat. Ergens dacht ik, dat het ooit wel op zou houden, maar waarschijnlijk is dat juist ook een gedachte ingegeven door vrouwenhaat: alsof er een soort houdbaarheidsdatum van je vrouwzijn zou bestaan, en dat je na die datum gevrijwaard blijft van alles, maar dan ook echt álles, wat vrouwen ten deel valt. En soms is dat ook zo, en voelen vrouwen zich onzichtbaar. Ook dat is een gevolg van vrouwenhaat.

Er zijn natuurlijk al zoveel goede stukken en boeken over geschreven. In het kader van deze persoonlijke Vrouwenhaat Files, is de vergelijking met Naeeda Aurangzeb's boek 'Hé, lekker ding; 365 dagen vrouw.' het meest voor de hand liggend.

De volgende opsomming is niet volledig: ik heb nog veel meer dingen, maar om alles in 1x te schrijven is onmogelijk. Dit was al veel werk: op dit moment zijn het 118 items, sommigen overlappen, sommigen zijn een verzameling van meerdere dingen. En: het kan best zijn dat sommige dingen geen vrouwenhaat issues zijn, maar het kwam op mij wel zo over. Soms zou je het beter seksisme kunnen noemen misschien. De scheidslijnen zijn dun en vaag. Dus het kan wat wringen hier en daar.
Alles staat nu in zoveel mogelijk chronologische volgorde, en het lijkt me goed dat zo te houden. Nieuwe entries komen bovenaan, met een kleurtje, tijdelijk, én worden ook in de chronologie geplaatst, daar blijven ze gewoon staan. Zo is het wat makkelijker om nieuwe dingen te lezen.

[klik op een datumkopje om het open / dicht te klappen]

Fijn een avondwandeling, een deel daarvan ging via een pad net onder de duinen, en ergens halverwege kruist het een paar paden die de duinen in lopen. Vanaf 1 zo'n pad kwamen twee jonge vrouwen gelopen, ze leken heel erg op elkaar en hielden elkaars hand vast. Ik minde me own business, ze liepen nog op het andere pad dus ik groette ze niet, want dat slaat nergens op.
Op zeker moment waren ze net binnen gehoorsafstand, en liepen op het andere pad ongeveer een aantal meter 'naast' mij, en ik hoorde hoe de ene iets zei als 'Zie je dat, dat lijkt wel... ', de rest hoorde ik niet.
De ander zei toen op veel luider volume:"Ja inderdaad, ik zie het, het lijkt wel een halve man." Er liep niemand anders, ze keken naar mij, en ik deed maar weer net alsof ik niets hoorde. Is het een kwestie van de aandacht op een ander vestigen, omdat je zelf zo onzeker bent, of is het gewoon lekker willen treiteren? Of beide?

In mijn nieuwe woonplaats, ik loop langs een parkeerplaats, er zijn 2 jonge mannen bezig met geklus, ze praten een slavische taal die ik niet versta; zodra ik passeer stoppen ze opeens met hun werk, ik voel ze kijken maar doe alsof ik niets merk. Als ik nét gepasseerd ben, dus duidelijk nog binnen gehoorsafstand (ze stonden ook vrij dichtbij), zegt één:
"Alte Kopf."
De ander zegt niets. Aan de geluiden achter me te horen, gaan ze weer verder met waar ze mee bezig waren.
Ik ook, ik ga ook weer verder waar ik mee bezig was.

Ik zag ze al in de verte, bij een supermarkt in de buurt die verbouwd wordt. Ik deed net mijn hoodie op, dus kon me daar wat in verstoppen, en er stond een vrachtwagen waar ik achter langs kon lopen. Maar damn. Meteen al dat ik in hun vizier kwam... brr. Gelukkig verstond ik niet alles, maar gezeik over 'te oud', gepraat over de hoeveelheid 'vlees op de botten' en ik voelde hoe ze me bleven volgen en zodra de vrachtwagen me geen dekking meer gaf tig paar ogen op mijn achterwerk en gelach en gedoe.
Er liepen ook andere mensen, niemand zei er iets van. Misschien durft niemand dat, kan ik me goed voorstellen, want niemand wil zo'n groep types op je dak. Maar ja, ik en vele andere mensen die ongetwijfeld ook worden lastiggevallen door ze, ook niet. Dus maar weer klachtenburoauw Celsius ingeschakeld, en een 'feedback' formuliertje ingevuld.

Ik postte een foto van bondskanselier Scholz, die samen met wat andere hoogwaardigheidsbekleders in een nieuwe munitiefabriek staat te lachen en gezellig staat te doen bij een aantal felgroene artilleriegranaten. Ik had de foto zonder verdere link geplaatst, het ging me ook alleen om de foto - hoe bizar het is dat mensen zo gezellig en feestelijk staan te doen bij wapens, ongeacht of die wapens nodig zijn of voor welke kant of opdracht dan ook.
Een mij onbekende man vraagt in een reactie om meer context. Zijn die granaten voor Oekraine, of Israel? Dus ik stuurde hem een link van een ander artikel, ik wist het originele niet meer, met een vergelijkbare foto in die fabriek, en korte recap van wat er in dat artikel staat. Namelijk dat het in eerste instantie munitie is voor Oekraine, maar dat er in het artikel ook verteld wordt, hoe de wapenindustrie zich zorgen maakt over het voortbestaan en hun winsten, als die oorlog zou stoppen. In dat licht is het logisch te bedenken, dat er dan ook wapens uit die nieuwe fabrieken naar Israël zullen gaan.

Meneer reageert meteen met een bizar seksistische opmerking, dat hij alleen voor de feiten gaat, en niet geïnteresseerd in gevoelens. Wtf. Ik heb nog terug gereageerd, maar toen liet hij niets meer horen, dus meteen maar geblocked die eikel.

's Ochtends iets voor 9 uur. Ik liep van A naar B.
Eén of andere guy loopt langs, staart naar me en zegt 'Hey babe!'. Ik negeer.
Misschien had ik moeten zeggen: Hey babe je moeder.

Ik lag nog in bed.
Raampje op kier open. Aan de zij-overkant zijn werklui bezig op steigers. Vanwege eerdere ervaringen met werklui, al dan niet op steigers, probeer ik sinds ze daar werken zoveel mogelijk uit hun zicht te blijven. Dat lukt natuurlijk niet 100 %. Ik moet wel eens naar buiten, of de was ophangen of weghalen. Who cares, zou je denken, toch?
Opeens hoor ik Mannenstem 1:"Hier tegenover woont een lekker grietje."
Mannenstem 2:"Die is van de verkeerde kant."
Mannenstem 1:"Wacht maar tot ze kennismaakt met mijn steigerpijp."

Er werd niet eens bij gelachen.
Ik had de Pridevlag daar hangen, die ik net had weggehaald om mijn BIJ1 poster op te hangen en zodat die meer opvalt, vandaar de verkeerde kantse opmerking waarschijnlijk. Ik vind het wel verbazend, dat veel mensen 30 smaken ijs accepteren, maar alleen maar in 2 smaken seksuele voorkeur kunnen denken. Sukkels.
De komende tijd zijn ze daar nog wel bezig, helaas. Ik ben benieuwd, of ze dingen als 'ouwe harses' en zo gaan roepen, zodra ze merken dat ik geen grietje meer ben. Of krijgen we weer de gebruikelijke 'zelfs met een zak over d'r harses zou ik d'r nog niet doen'?
De was hang ik vandaag maar binnen op.

Ik was nog steeds weer eens in het OV.
Maar dan nog wel buiten, op een perronnetje. Ik ging op een bank zitten, aan de andere kant zat een jongeman, verder was er niemand in de wijde omtrek van die bank. Ik ging iets eten, maar opeens begon het onwijs te meuren naar scheten. Arggh. Snel vluchtte ik weg. Is dit ook vrouwenhaat, of slechts schetengenoegen? Ik vermoed een combi van beide. Wat goor@!&E!

Ik was weer eens in het OV.
In een trein, ene Sprinter om precies te zijn. Toen we bij station A'dam aankwamen, stond ik samen met anderen bij de deur. Toen ik wilde uitstappen, kwam er een jongeman van links uit de coupé en die liep me bijna omver. Niet dat hij haast had, nee, hij liep gewoon pal voor me langs, zonder blikken of blozen. Er waren twee mannen nog voor me, die liet hij wel voor gaan. Logisch, toch?

Weer Ik, die wil oversteken.
En weer op een bouwplek. Nogal onoverzichtelijk, fietspaden die worden verlegd en zo, en als voetganger moet je opeens oversteken terwijl dat niet duidelijk is aangegeven (of ik zie het niet). Wirwar dus en opletten geblazen. Toen ik nog een eind verder was, hoorde ik geschreeuw. Meerdere mensen stopten en keken om, het kwam van de chaosplek. Ik dacht dat er iemand niet had uitgekeken, verkeersruzie of zo. Het geschreeuw stopte, ik lette er verder niet zo op. Op de plek waar je opeens erg moet opletten, keek ik achter me, om te kijken of ik niet door fietsers van me sokken zou worden gereden, terwijl ik overstak. Opeens begon het geschreeuw weer: een man stond een stukje verderop, en keek naar me, en schreeuwde in het engels iets over 'spread your legs' en dat ik bij hem moest komen, en toen ik niet reageerde was ik een coward, en hij ging steeds harder schreeuwen, en ik vond het best eng, dacht even dat hij achter me kwam, omdat die stem dichterbij leek te komen. Ik durfde ook niet achterom te kijken meer, want was bang dat hem dat misschien dan juist zou triggeren. Gelukkig was het er wel erg druk, en durfde hij waarschijnlijk niet iets te doen. En als sidenote: misschien was hij psychotisch. Neemt niet weg, dat het voor mij wel eng was.
Wat me opvalt, is dat veel mensen denken, dat je als vrouw een sekswerker bent, als je ergens ook maar in de buurt van de Wallen loopt. Nou ja, soms ook als je op 87 km daarvan bent. Getuige dit en het vorige incidenteke, maar ook vele andere. Of beschouwen ze sowieso iedere vrouw als 'hoer' (in hun woorden dan, he, in een negatieve manier bedoeld - ik zeg het maar weer: niets mis met sekswerkers!). Geen idee, maar hoe dan ook, seksistisch en vrouwenhatelijk is het zeker.

Ik, die wil oversteken.
In de stad wordt veel verbouwd en geconstruct en weet ik het, en op zo'n rommelige situatieplek wilde ik oversteken om een straatje in te kunnen. Er kwam een auto aanrijden, dus ik wachtte tot die voorbij zou zijn. Op het moment dat die vlakbij was, ging hij (er zat een man in, ergens in de 30, donker haar, baardje) opeens tergend langzaam rijden, terwijl hij mij bekeek.
Ugh yuk yikes. Ook goedemorgen maar niet heus.

Was de stad even in geweest, en ging terug met de pont. Die nog onderweg was, dus ik wachtte netjes op de groene strook aan de zijkant. Ik stond daar als eerste persoon, vooraan. Even later kwamen er meer mensen, die achter mij plaatsnamen, logischerwijze. Idem twee jonge mannen, omdat ik even anders stond, met mijn zij naar hun toe, zag ik ze achter mij staan, ze keken naar me even, ik lette er eigenlijk niet zo op verder. De pont landde, mensen gingen ervan af, en zodra de laatste persoon wegfietste, zette ik een stap naar voren. Maar heel vreemd, de twee jongemannen liepen zo vlak voor mijn snufferd langs, alsof ik onzichtbaar was.
Nu kan het mij geen bal schelen of ik eerste of laatste ben, maar het was gewoon heel vreemd. Ik moest echt stoppen met lopen, anders zou ik tegen ze aan gelopen zijn. En ze keken niet op of om.
Het deed me denken aan die keer, dat er een groep jongemannen de metro in kwam, terwijl ik net uitstapte, en ze gewoon dwars door me heen liepen. Het is een uitermate vreemde gewaarwording.

Ik, van A naar B lopende.
3 jonge mannen staan te praten, 1 daarvan loopt wat verder door en kijkt naar me, ik passeer en negeer. Ik hoor hem, als ik wat verder ben, tegen de anderen zeggen:
"Lekker ding."
Waarop de 2 anderen tegen hem, heel hard, zodat ik het ook goed kan horen:
"Wat, man, dát?! Serieus!?" en ze lachen, en herhalen het een aantal keer ("Dát!?") en ik hoor hem stamelen:
"Nee, natuurlijk niet... het was een grap..." en hij lacht mee en de rest hoor ik niet meer, alleen hun stompzinnige gelach.

Ik kom mijn buurtje ingelopen, bij de hoek staat een jong echtpaar hun spullen uit hun auto te laden, en de man vraagt hoe dat ook alweer heet in het Nederlands, en dan zegt de vrouw heel hard: "Dat noem je een pot." en beide barsten in lachen uit. Ik zeg niets en doe maar weer alsof ik niets merk. Een dag later hang ik de Pridevlag voor mijn keukenraam, dat zij kunnen zien vanuit hun gezichtspunt, hoop ik. En die hangt er nu nog.

Een groepje Brabantse toeristen van mijn leeftijd ongeveer zitten op een terras (terristen op een toeras, typte ik bijna en nu helemaal), het is een uur of 10 in de ochtend en ze drinken bier. Als ik passeer kijken ze allemaal naar mij, de vrouwen grappen tegen één van de mannen, dat ik wel iets voor hem ben, en de man roept 'Yo!' naar mij, ik denk 'omg wtf' en doe maar weer net alsof ik niets hoor. Allemaal lachuh!

Dat ik langs een auto loop die bij een hippe tent hier in de buurt staat geparkeerd, en een monteur is daarachter aan het werk. Er komt een andere man aangelopen, ik kijk hem even aan, omdat ik denk, dat die wel gedag gaat zeggen, maar hij kijkt me niet aan, en zegt niets. Dan hoor ik de monteur achter mij: "Wat is dat voor gek?" en de niet-groetende man:"Weet niet.." en ze lachen.

Een groep jonge toeristen staat in een straatje, elkaar te fotograferen. Ik loop gewoon van A naar B, as usual. Een vrouw ziet mij aan komen lopen, zegt iets over mij ("Do you think she's a...") de rest stopt en allemaal staan ze nu naar me te staren. Ik denk: fuck off, maar ik doe alsof ik niets merk.

Ik loop langs de Dirk, een wat oudere man staat bij de Dirk, hij groet en ik groet netjes terug, hij staat me na te kijken voel ik en dan hoor ik hem zeggen: "Nou nou, wat een dametje."

Twee Engelstalige mannen op een terrasje in de ochtendzon, als ik voorbij loop zegt de één terwijl ze naar me kijken: "Look, she looks nice, wouldn't you want her?" Alsof wij vrouwen op straat de items zijn in hun sneuïge catalogus, alsof ze ons voor het uitzoeken hebben. Zijn antwoord hoor ik niet meer door een passerende taxi.

Weer zo'n enorm warme periode. Na een lange wandeling sjokte ik mijn bottenzak door de binnenstad, op weg naar huis. Ergens op een terrasje zaten twee jonge mannen, ze bespraken op luide toon de mensen die langsliepen. Over mij hadden ze ook het één en ander te zeggen: ik was te dik en dat probeerde ik te verbergen, dat was zo'n beetje de strekking van het verhaal, en ze vonden het enorm grappig en geweldig van zichzelf. Ik vond het walgelijk, en haatte hen, haatte mezelf, haatte mijn lichaam en alles en nog wat. Weer zo'n moment dat ik daarna weken niet naar buiten wilde, dat ik mezelf op allerlei manieren moest dwingen, en dat dat niet lukte, en dat ik me al zo kut voelde, dit maakte het nog veel erger. Ik zou willen dat dit soort klootzakken dit zouden lezen, verplicht. En ik zou willen dat ze zelf zo zouden worden behandeld, dat ze zelf niet meer naar buiten wilden.

Ergens een industrieterrein waar ik vaak loop, ik moet nu eenmaal van A naar B. Twee mannen bij een garage, ze bespreken hardop wie of wat ik ben, dat ze me wel vaker zien, en wat ik daar in godesnaam doe, zo'n dame. Eén van hen: "Die werkt zeker bij zo'n start-up, hier verderop."

Mijn zoon over zijn zoon:"Hij is echt een jongen he, met echt ondeugende dingen en zo."
Ik ging er niet tegenin, de verhoudingen lagen toen al niet zo goed naar mijn gevoel, maar was wel verbaasd over zijn uitspraak. Ik dacht dat hij wel meer bewust was van seksisme en dergelijke, en dit soort genderconforming uitspraken had ik niet verwacht.

BN'er, meerdere keren in nieuws vanwege geweld tegen vriendin (heeft al eerder een taakstraf gehad vanwege geweldpleging). Kennis Dennis:"Ik geloof er niets van, ik ken hem, zo is hij niet." Ik: "Nou ja, er is toch echt wel duidelijk iets aan de hand." Dennis: "Zoals ik al zei: ik ken hem, zo is hij niet."

De korte versie:
Ik ging van A naar B. Er was niets aan de hand. Ik liep daar slechts, ik deed niets opmerkelijks of vreemds, ik was aanwezig zoals iedereen aanwezig kan zijn, lopend van de ene plek naar een andere.
De sigarenzaak ligt aan een straat waar een paar keer per week ook markt is. Toen ik bij de straat aan kwam, zag ik dat het inderdaad markt was, de winkel lag vlak achter het begin van die markt. Bij de eerste kraam stonden een paar marktkooplui, ik merkte dat ze naar me keken, ik hoorde niet of er iets gezegd werd, ik lette er verder niet zo op, minding me own business en ik haalde het pakje.

En ik liep terug, precies dezelfde route, weer langs de markt en op dat moment werd ik even keihard op mijn hart getrapt. De 3 mannen stonden er nog, ik had slechts hun vormen ontwaard ergens in mijn rechter ooghoek, ik was mij bewust van hun aanwezigheid. Alsof ik onbewust toch ergens door getriggerd was, misschien was het door hun kijken op de heenweg, ik weet het niet.
In mijn voorbijlopen zei één van de mannen:
“Ik dacht dat ik naar een mooie vrouw stond te kijken, maar wat heb die een klotezooi op d’r harses.”
Mijn capuchon was nog even af, want winkel en warm en wachten en beleefdheid en zo. Waarschijnlijk zat mijn haar raar van achter, dat zou goed kunnen. En nu kun je denken, tja ach en wee, whatever, laat ze lullen. Ware het niet, dat ik al jaren al dit soort shite krijg, en hoe zo is dat okee?

De langere versie vind je HIERO.

Voor een radiovideoshow die ik zou maken ism ene club in de buurt, ging ik wat filmen, 's avonds. Het was een uur of 9 denk ik. Met mijn rugtas en statief stapte ik de deur uit, en hoorde een mannenstem, een stem die ik wel vaker hoor, zeggen: "Hee kijk, daar heb je dat hoertje." Ik zag niemand, er liep niemand, dus het moest uit één van de huizen vlakbij komen, vanuit een bovenraam. Ik durfde niet te kijken verder, en deed alsof ik niets hoorde. Maar HOE in godesnaam komt iemand op zo'n idee? Trouwens, op de eerste plaats: niets mis met sekswerkers! Zij verdienen het respect dat iedereen verdient. Maar het is toch vrij problematisch, als je iemand zomaar een 'hoertje' noemt.

Van alles heb ik sindsdien bedacht: komt het omdat ik gekleurde lichten aan heb in huis soms? Magenta-achtig, zeg maar roze, het was wel dé Pantone kleurschakering van menig jaar. Ik doe al expres geen rood licht aan, om geen verkeerde indruk te wekken... Of komt het, door mijn toenmalige samenwerking met die club, waar sommige buurtgenoten ook al nogal foute ideeën over hadden. Echt, waar zit je verstand als je zulke opmerkingen maakt.

Terwijl ik door de buurt loop, passeer ik een groepje jongens bij de passage onder het gebouw bij de Dirk, eentje zegt:"Mooie vrouw!", waarop een andere jongen tegen hem zegt dat ie me met rust moet laten, dat vrouwen niet op iemands commentaar zitten te wachten, dat is gewoon een buurvrouw en die wil ook rustig hier kunnen wonen. Chapeau jongeman!

Er is weer een semi-lockdown aan de gang, en om de kas enigszins te spekken is er een soort benefiet-diner bij de club waar ik enigszins bij betrokken ben, omgeven met allerlei leukigheden. Om ook eenzame mensen een leuke avond te bieden, heeft men bedacht, om de gezelschappen te mengen. Ik zou met deze club een radio-videoshow voor eenzame mensen gaan maken, maar dit diner had men zelf bedacht, en was niet op mijn verzoek, ik had daar verder niets mee te maken. Ik denk wel, dat door mijn radio-idee, men er wel wat meer bewust van was. Ik vond het uiteraard een tof idee. En heb als zelf-eenzame een kaartje á € 35 gekocht, onder mijn officiële naam, die waarschijnlijk niet bij hun bekend was toen.
De avond zou tot half 8 duren, vanwege die lockdowntoestanden. Rond een uur of 7, ik was even naar het toilet geweest, kwam ik terug in het restaurant en hoorde toen tafelgenoot 1 tegen 2 zeggen, dat ze op het toilet had gehoord, dat ik het liefje was van de curator, en dat ik op die manier allerlei dingen in de club naar mijn hand zette, via hem. En er werd iets gezegd over geld, maar dat heb ik niet goed gehoord. En ik hoorde hoe 2 antwoordde, dat het hem wat stug leek, ik had toch een heel ander verhaal verteld? 1 vroeg hem, of ze het zouden vertellen aan mij, maar dat leek hem geen goed idee.
Van schrik deed ik maar alsof ik niets door had, maar ik vond het heel erg raar en vervelend. Ook dat ze het daar zo over hadden (ik had eerder verteld, dat ik aan één oor bijna doof ben en zij gingen er blijkbaar vanuit dat ik het niet zou verstaan... sorry mensen maar het gehoor is een complex systeem, ik zou daar nooit op vertrouwen).
Het dessert werd gebracht door degene, die de roddel verspreidde, misschien heeft ze er wel in gespuugd, ik weet het niet, maar het smaakte prima en ik ben ook niet ziek geworden daarna.
Uiteraard had ik daarna wel een enorm vervelende deuk in mijn vertrouwen in mensen daar gekregen. Achteraf zou het kunnen, dat ze gecheckt heeft, of ik wel zelf mijn kaartje heb gekocht, en dat ze mijn pseudoniem niet op de lijst zag (want onder die naam heb ik gene rekeningen). En ik herinnerde me een dag een aantal weken daarvoor, dat ze me een keer met een vreemd verwrongen gezicht aankeek, toen ik lachend met de curator en een ander personeelsmens aan kwam lopen. En ik herinnerde me opeens ook die keer, dat iemand anders van hun personeel me uithoorde, over hoe ik daar terecht was gekomen dan, en toen ik de naam van de curator noemde, de jonge man iets wilde zeggen maar zijn tong eraf leek te bijten. Dat was ook nogal vreemd.
Ik voelde al langer dat er iets niet klopte, maar als ik mensen ernaar vroeg, of ze het wel okee vonden dat ik daar was, zeiden ze altijd dat ze het hartstikke leuk en tof vonden. En dan hoor je zoiets achter je rug....

Een half jaar hield ik mijn mond erover, de radioshow is er nooit gekomen, omdat degenen die mij zouden helpen, niet reageerden op dingen, en ik zodoende, vooral met technische dingen, niet verder kwam. Was ook al best vreemd. Het voelde voor mij, alsof ook daar iets niet klopte, maar dat men tegen mij daarover niets zei. Dus trok ik er zelf de stekker uit. En toen, een half jaar later, een semi-terloopserige opmerking van een van de personeelsleden, die ook logischerwijs veel omgaat met die roddeltante:"Jullie zijn toch vrienden van elkaar?" over de curator en mij. Nee dus. Maar ik vond het zo bizar, die opmerking. En dus heb ik het geval bij de curator gemeld, die vervolgens nog vreemder daarmee omging.

Terwijl ik de was aan het ophangen ben op mijn balkon (zichtbaar vanaf de straat naast mijn huis), hoor ik flarden van een gesprekje over mij. Twee buurmannen, de één vraagt aan de ander of ik niet iets voor hem ben. De ander, ook op luide toon:"Nee o nee, die lijkt veel te veel op m'n ex."
Het werd zo besproken, alsof ze echt dachten dat hij enige kans bij mij zou maken überhaupt. Hahahaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaahahahahhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhaaaaaaaaaaaaaaaa. Djeezus.

Ergens in de buurt, vroeg in de ochtend. Bij een winkel is een man bezig de waren buiten te stallen, en in het voorbijlopen kijken we elkaar aan, en zeggen vriendelijk goedemorgen. Als ik wat meters verder ben, hoor ik 'm wat mompelen en opeens roept ie wat onverstaanbare dingen en 'kech'. Ik ben de enige in de wijde omtrek, dus ik neem aan dat het voor mij bedoeld was.

Zonnetje schijnt, ik hang de was op op het balkon. Ergens hoor ik gepraat, ik zie twee werkmannen aan het werk op straat, ik weet niet wat ze aan het doen waren, ik lette er verder niet op. Ze lachten op een gegeven moment, dan ben ik tegenwoordig al meteen op mijn hoede, maar ik kon niet horen wat er gezegd werd. Ik stond met mijn rug naar hen toe.
Ergens ging een deur open, iemand pakte een fiets. Toen de stem van een jonge buurman, die de twee werklui aansprak: "Zeg eh... hebben jullie het over mijn buurvrouw?" Gestamel, dat ik niet verstond. De buurman zei, dat hij niet wilde dat er zo over zijn buren werd gesproken, en dat je sowieso niet zo over vrouwen praat. Weer wat gestamel, de fiets fietste weg en ik was binnen en dacht: o jee, wat is er nu weer aan de hand? Wat aardig dat die buurman voor me op komt! Ik ken hem verder niet, en nogmaals: geen idee wat er gezegd werd (gelukkig!). En ook gelukkig dat er toch wel mannen en mensen zijn die er wat van zeggen. Dank daarvoor! Dat hebben we nodig.

Een hippige club was neergestreken bij mij in de buurt, en het leek mij een goede plek om mijn GratisTekeningen aan te bieden. Het had een paar voetjes in de aarde, maar het mocht van de curator, en ik was blij: een tweede Takeaway, waar mensen ze voor niets konden meenemen. Ik kende de mensen van deze club verder niet, voornamelijk allemaal jonge mensen, en ze leken me heel aardig en leuk, dus alles prima geregeld toch.
Op een dag liep ik langs. Het was mooi weer, en een zoemend insect was mijn haar invlogen, ik was net bezig mijn haar los te maken en zag dat een aantal mannen op het terras aan het werk was.
Eén van hen noemde mijn naam. En : ze doet haar haar los! (dat was inderdaad wat ik deed...). Gelach. Iemand die iets vroeg als: "Is ze niet iets voor jou?" Waarop een andere stem antwoordde: "Nee, ze is te oud." Waarna een andere stem riep, het leek mij de stem van de curator: "Voor jou, niet voor mij!" Ze leken niet door te hebben dat ik het kon horen. Ik voelde me nogal opgelaten, en deed dus wat ik altijd doe: negeren.

Het was de tijd dat er een komeet te zien was, ik had al zoveel incidenten achter de rug dat ik twijfelde of ik dat wel wilde gaan zien, zo 's nachts. Tot ik dacht: belachelijk gvd, waarom moet ik thuiszitten alleen vanwege vervelende mannen!? Nou ja, wel hierom:
Rond een uur of 23 toog ik met mijn verrekijker naar een wat meer industrie-ig gebied in de buurt, in de hoop dat het daar wat donkerder zou zijn, en dat ik ook daadwerkelijk iets zou kunnen zien. Het lukte niet echt, en dus liep ik nog wat verder, waarbij ik door een straat liep met allerlei bedrijfspanden aan weerszijden. Ergens halverwege stond een bestelbusje van een beveiligingsbedrijf, er zat één persoon in, het licht binnenin stond aan, de motor draaide. Ik passeerde en liep gewoon verder natuurlijk. Na een paar tellen hoorde ik de auto wegrijden, mijn kant op. Ik verwachtte dat hij langs zou rijden, maar vreemd genoeg bleef hij achter me rijden. Soms gaf hij een dot gas, dan reed hij naast me, dan liet hij het gas weer los totdat hij een stukje achter me was, en gaf dan weer gas zodat hij weer naast me reed. Dat ging zo een paar keer, en ik dacht WTF is dit.

Ik bukte wat, zodat ik naar binnen kon kijken, en hem kon aankijken, en hief mijn handen op en zei: "Wat doe je?"
De man, een jaar of veertig, vijftig, keek me wat schaapachtig aan. Ik liep weer verder.
Op dat moment kwam er een jonge man langsgelopen, vanaf de andere kant, die van mij naar de auto keek en weer terug, en zijn telefoon pakte. Toen de jonge man gepasseerd was, gaf de automan opeens hard gas, en racete weg. Ik snelde een zijstraat in, en stak zo door naar een andere straat, en ging snel naar huis. Fuck die komeet. FML ook vooral.

Achteraf denk ik dat de passerende jongeman een foto ging maken van de auto, en dat de beveiliger daarom snel wegreed. Maar ik weet het niet zeker. Het was vrij vreemd in ieder geval, en voor mij een reden, één van de vele, om mij niet veilig te voelen.

Woonde net in mijn huidige woning, ben bezig binnen, en hoor een flard van hoe een buurvrouw (waar ik 1x mee heb gesproken, we kennen elkaar verder niet) tegen een buurman over mij zegt, dat ik een raar persoon ben. Buurman zegt iets terug, als dat ik heel aardig ben, hoor, de rest hoorde ik niet, en ze lachen.

Ook kort nadat ik in mijn nieuwe woning woon: twee buurmannen hoor ik over mijn ondergoed praten, dat aan de waslijn hangt. Hhahahahaaaaaaaaaaahahahahahhaha nou weten we meteen wat voor ondergoed ze heeft ahahahahahhahaaaaaa. Ik hang het nooit meer buiten.

Ik ben net in mijn nieuwe huis, bezig met de gordijnen, en hoor 2 buurmannen praten. Buurman 1 vraagt aan 2 of hij het al gevraagd had. Ik denk eerst dat het over een ander gaat, maar als ik even later een verdieping hoger ben, bij het raam met mijn meetlint, hoor ik hem zeggen: "Als je het over de duivel hebt!" hahahahahahahhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaahahahaha lachen.
Later herinner ik me, dat buurman 2 een paar dagen daarvoor tijdens een praatje zat te vissen of ik een relatie had, en ik kreeg het idee dat hij ook wel wilde weten of ik lesbisch ben of niet, maar hij durfde de vraag niet rechtstreeks te stellen, dus liet ik het ook lekker vaag :-). Waarschijnlijk was er dus al eerder over mij gepraat, omdat er een keer een vriendin was blijven slapen......... godsallemachtig.
Ik vraag me af, waar ik in godesnaam in terecht gekomen ben. Is dit een tijdglitch? Ben ik terug in de jaren 50? wtf.

Ik heb me net voorgesteld aan mijn naaste buren, de vader zit boven aan de trap (we hebben beide bovenwoning). Ik ga weer, en als ik wegloop komt er net een jonge man aangelopen, we zeggen elkaar gedag, ik vervolg mijn weg, maar hoor nog hoe de jonge man naar boven roept: Wat een mooie vrouw, wie is dat, wat deed ze hier?! en de buurman: Dat is de nieuwe buurvrouw! De jonge: Wat, echt? De buurman: Ja! Zij lachen wwow hoahahahahahaha.

Ik ben bezig te verhuizen, in mijn nieuwe buurt loop ik aan het begin van de avond richting het metrostation. Een jongeman staat bij een voordeur, het lijkt alsof hij naar binnen gaat, maar dan zie ik hem even kijken. Terwijl ik langsloop, draait hij zich naar mij toe, en richt zijn mobiel op mij, alsof hij enigszins stiekem, maar ook niet echt heel onopvallend, een foto van mij maakt. Ik kijk hem verbaasd aan, maar hij reageert niet, doet net alsof ik lucht ben, en gaat naar binnen, met mij op zak.
Why?

Terwijl de metro stopt bij de halte, sta ik al voor de deur om uit te stappen. Een groep jonge mannen loopt op de deur af, die gaan open en ze wachten niet tot ik uitstap, maar lopen dwars door me heen, alsof ik niet besta. Ik moet me tussen hen door wringen, het is heel vervelend.

Celsius op weg van A naar B, holee.
Er komt een jongeman mij tegemoet, ik ga aan de kant, zodat ik meer richting de muur loop van het gebouw naast me; hij gaat nog meer mijn kant op, en ik ga nog meer richting de muur. Op het moment van passeren zegt hij heel venijnig: "Kutwijf!"
Er is verder niemand anders in de buurt.

Celsius in een vrij lege metro, op weg naar huis. Een vrouw die heel erg op een bekende, Franse actrice lijkt, staart me aan. Ik kijk terug, laat merken dat ik het vervelend vind, maar ze blijft staren, op een heel vervelende, agressieve, manier. Ik besluit een halte eerder uit te stappen.

's Avonds laat, ik liep over de B.Brug richting huis. In tegengestelde richting liep een oude man. In het passeren zei hij gedag. Ik zei gedag terug. Een paar passen verder begon ie te schelden:"Je mag wel wat zeggen hoor, kutwijf!"
Ik:...

Dezelfde bouwvakkers (te herkennen aan het logo van het bedrijf op hunne shirts) bewogen zich door de hele buurt. Dronken eens een koffietje hier of daar, aten een broodje, gingen naar de andere supermarkt om hun brood te kopen.
Zo zaten er een paar op een terrasje naast de andere supermarkt, toen ik de winkel binnen ging waren ze net druk bezig een langslopende jonge vrouw gore opmerkingen toe te voegen. Tegen de tijd dat ik buiten kwam, kwam de stoom al uit mijn oren, en het was maar goed dat ze niets over mij zeiden, want ik had heel erg graag de poten onder de stoel van die ene weggetrapt, die lekker nonchalanterig met zijn stoel zat te wippen.

Wat ik wel deed: van de supermarkt-in-verbouwing hadden we een brief gekregen, en die had ik gelukkig nog bewaard, en daar stond een telefoonnummer in van degene die het project leidde. Die heb ik gebeld, en de paar akkefietjes die ik had mogen meemaken aan hem verteld. Hij bood netjes zijn excuses aan, en snapte zo goed dat het heel vervelend was, en hij zou zorgen dat alle mannen op het project erop zouden worden gewezen, dat het niet door de beugel kon.
Daarna heb ik inderdaad niets meer gemerkt, dus het zou kunnen dat het werkt, om projectleiders aan te spreken op wat er op de bouwplaats gebeurd. Anderzijds: je kunt als slachtoffer van dit soort ongein toch onmogelijk altijd naartoe gaan bellen. Je bent je leven aan het leiden, en moet je dan overal aantekeningen van maken en klachten indienen? Dat slaat nergens op. Dus vertel me: hoe gaan we dat oplossen?

Ergens in mijn buurt, een oude man op een oude fiets krakkemikt me voorbij, en in het voorbijgaan kijkt hij achterom om mijn gezicht te zien, en roept dan heel hard: "Ouwe harses!" Ik: ... (en vraag me af of hij ooit wel eens in de spiegel keek).

Ook als iets positief bedoeld is, kan het nog vervelend zijn.
Zo zat ik in de metro, op zeker moment merkte ik dat er drie jonge vrouwen bij de uitgang stonden, ze keken naar me, en ik hoorde iets als 'sexy' en 'wow'. In eerste instantie dacht ik dat het ging over iemand achter mij, maar er zat niemand achter mij, het was heel rustig. Toen ze merkten dat ik het had gehoord, gingen ze over op gefluister en gestaar. Toen ik uitstapte, moest ik wel langs hen, en ze bleven naar me kijken. Was vast goed bedoeld, maar ik voelde me heel erg opgelaten en bekeken.

Groepje groenvoorzieners lopen te schoffelen, ik loop een eindje verderop langs, steek net over naar mijn huis. Eentje: Jesus wat een bitch! (de leidinggevende sprak hem er wel op aan: zo praat je niet over vrouwen, die dude: maar ik bedoel het niet negatief).

Ik liep op een kleine stoep naast het fietspad, vanachter wordt ik ingehaald door een langzaam rijdende auto, waar muziek uit komt, en gejoel van een groep mannen. Eén van hen hangt uit het raam, en roept naar me: "Heeee baby, do you want my baby?" Lachen. Een eind verderop herhaalt hij zijn vraag bij een andere vrouw.

Zondagochtend, het was nog stil in de stad, weinig mensen op straat. Het beloofde een mooie dag te worden, en ik ging fijn een stuk wandelen. Ik wilde oversteken, en overal waren geparkeerde auto's, dus ik stond tussen de auto's in en wachtte tot de enige auto die er reed voorbij was. Een vintage Volkswagen Kever, met een even vintage hoofd van een man (beetje jaren zeventig, bij nader inzien deed hij me denken aan de masturberende man in de metro in 2016-2017), ik zag dat hij me zag, hij remde al een stuk daarvoor af en héél langzaam reed hij nu voorbij, terwijl hij afzuig-gebaren naar me maakte. Ik liep snel terug de stoep op en liep een eindje door, hij had niet de 'moed' om in zijn achteruit te gaan rijden.
Nadat ik was overgestoken bleef ik het nog een tijd in de gaten houden, of hij niet was omgekeerd en me ging volgen. Gelukkig niet.

Zoals gezegd: de supermarkt in verbouwing was achter mijn toenmalige huis, mijn balkon was op een paar meter afstand van de achterkant van hun dak. Dat bleek later nog een probleem te worden met geluidsoverlast, maar goed, dat wist ik op dat moment nog niet. Af en toe hang je eens de was op, op je balkon. En dan heb je pech, als je én een vrouw bent, én er bouwvakkers op een paar meter afstand op de dakrand zitten te schaften. Het viel mee trouwens, ik weet nog dat ik overwoog om maar even te wachten tot ze weg waren, maar ze waren daar ook aan het werk en ik dacht: tot hoe lang moet ik dan wachten? Dus ik besloot me nergens wat van aan te trekken, en 'gewoon' de was op te hangen. En ja, het viel mee, een hele tijd hoorde ik niet veel meer dan het geluid van pratende stemmen. Toen opeens, ja natuurlijk, ik vond het al zo apart: "Hee Pim, niets voor jou?" Pim voelde zich een beetje opgelaten, en antwoordde bescheiden en heel tactisch, dat hij vast niet in aanmerking kwam bij zo'n mooie vrouw. Iedereen tevreden! Nou ja, behalve ik dan. Hoewel ik het heel netjes opgelost vond van Pim, is er wel dit: je balkon is een onderdeel van je eigen huis. Je wilt veilig zijn in je eigen huis. En vooral geen gezeik van bouwvakkers met onbenullige meningentjens.

De supermarkt achter mijn huis werd verbouwd, dus overal in de buurt liepen de bouwvakkers. Niet mijn meest favoriete beroepsgroep, zeg maar, en ik denk dat veel vrouwen en vast ook andere mensen dat ook zo ervaren.
Ik liep langs de supermarkt, op weg naar weet ik veel, en een groep bouwvakkers stond daarbuiten te kletsen. Toen ze mij in het vizier hadden, riep er één:
"Kijk, een lekker wijf!"
Waarop een ander ook zijn mening even wilde delen met de rest van de mensheid, gezien zijn stemvolume:
"Dat is geen lekker wijf, dat is een vrouw die dénkt dat ze nog een lekker wijf is."
En iedereen lachen! Het is ook weer zooooooooooooooooooooooooooooooooooooooooooooo ontzettend grappig. Maar niet heus. Deze kreeg ik overigens wel vaker te horen, van andere bouwvakkers op andere plekken.

De buren gingen uit elkaar en weg, ik kreeg er een nieuwe buurman voor in de plaats, die al meteen door een bovenbuurman over mij werd ingelicht, in het portiek waar ik in mijn huiskamer nog geen 2 meter vandaan zat achter mijn pc. Enige tijd later: groepje buren stond buiten op straat te praten, het was mooi weer, de ramen stonden open, dus flarden van het gesprek drongen mijn huis en mijn oren in. De nieuwe buurman stond andere buren uit te horen over mij. Wat voor werk ik deed ("iets in de administratie" LOL) en wat er met mij was. De nieuwe buurman wist al precies hoe het zat:
"Ze denkt dat ze een lekker wijf is."
Een buurvrouw:
"Sssst, straks hoort ze het!"
De nieuwe buurman:
"Nah, kan mij wat schelen, van mij mag ze het weten hoe ik over d'r denk, ik ga me niet inhouden!" (we hadden elkaar slechts 1x kort gesproken).
ALLE keren dat ik hem daarna tegenkwam:
"Hai buurvrouw, alles goed?"

Ik stap in, het is donker, schik mijn haar een beetje na de wind buiten, in het raam/spiegel. Dan doet de chauffeur het licht uit opeens. Er is niemand anders in de bus. Zo rijden we een stuk, tot bij halte waar mensen staan, dan doet hij het licht weer aan.

Hartje centrum, het is al dagen warm, ik draag een lange broek en een T-shirt, ik loop van A naar B, en een man passeert me.

"Wat een ballen!" zegt hij terwijl hij naar m'n borsten kijkt.
...
Zucht (nummer zoveel).

Stel loopt voorbij, kijken naar mijn borsten. De vrouw:
"Zoooooooooo heeeee!"

Celsius gaat op reis! En neemt mee: haar ogen op steeltjes...
De trein arriveert, het is druk, er stappen veel mensen uit, met daar tussen een jonge vrouw met grote borsten. Ze heeft een nauwsluitende top, en ik reageerde zoals iedere man die nog nooit borsten heeft gezien. Er kwam zelfs het begin van een 'wow' uit mijn mond en mijn ogen werden groot. Zij zelf reageerde niet, maar haar reisgenoot zag het en zei lachend: "Jeeesus hee!"

Het ging heel snel, en ik schaamde me diep. Vroeg me ook af, waarom ik het zelfde doe, waar ik zelf nu juist last van heb.
Het enige juiste antwoord daarop is natuurlijk, dat we allemaal grootgebracht zijn met overal seksisme om ons heen, we hebben het geïnternaliseerd, en het is moeilijk weg te krijgen, blijkt wel. Waarmee ik mezelf niet wil goedpraten. Het is zoals het is. Ik vind het ook echt een vervelende actie van mezelf.

En niet als vergoeilijking, maar als uitleg - wat ik bij mezelf merk, is dat ik op momenten dat ik gestressed ben, overwhelmed door geluiden, drukte, moeheid (en vaker nog de combinatie van dat alles, nog erger), dat ik dan op dat soort irritante dingen teruggrijp. Alsof ik dan als een soort automatische piloot ben, die vanzelf teruggrijpt op alles dat die nog van vroeger kent: en dan seksistische, racistische, validistische dingen zegt of doet. Ik denk dat het wel een autisten-ding is, vooral de overwhelmdheid natuurlijk, en het is echt kut dat je brein dan daar naar teruggrijpt. Ik hoor het soms ook wel van andere autisten.
Ik doe dan ook altijd allerlei andere suffe dingen trouwens, zoals verkeerde weg inlopen, tegen dingen of erger nog: mensen, aanlopen, mijn hoofd stoten, opeens mijn mondkapje afdoen terwijl dat juist niet moest, mensen niet herkennen, rare onbegrijpelijke zinnen maken, stamelen, als een verlamd konijn blijven staan, nou ja, kortom: feest maar niet heus. Oja, en veelvuldig gebruik van stopwoordjes, mensen napraten (met dezelfde intonatie........... omg die haat ik ook), bewegingen nadoen, heel hard lachen om iets waar je niet om lachen moet, een overdreven flauwe grap maken die niet klopt op het moment... Het is echt heel erg kut.

Twee jonge vrouwen op straat, terwijl ik langsloop, gewoon hardop pratend alsof ik niet besta, alleen mijn borsten:
"Heeft die nou een bh aan of niet? Op die leeftijd.... "
"Volgens mij niet hoor... of toch, heeft ze van die doorzichtige bandjes...".

Hartje centrum, het is al dagen warm, ik draag een lange broek en een T-shirt, ik loop van A naar B, en een vrachtwagenchauffeur die dozen met bevroren friet vanuit een vrachtwagen op een steekcar laadt, lacht vriendelijk naar me en zegt gedag, dus ik zeg vriendelijk gedag terug, zo aardig ben ik wel.

Terwijl ik net voorbij ben, en hij achter me langs gaat met zijn steekcar, roept hij naar me:
"Goeie tieten!"
...
Zucht.

's Nachts loop ik naar huis, in het begin van mijn straat staan twee jonge mannen in een portiek. Ik zeg ze gedag. Ze zeggen niets terug, maar als ik voorbij ben zegt de één tegen de ander: "Ze zegt dat alleen maar omdat ze bang is, hahahaha!" en lachuuuuuuuuuuuhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhh.

Paar weken later loop ik aan het begin van de avond daar een keer langs, het is nog licht. Bij hetzelfde portiek staat één van die jongemannen. Een jonge vrouw in een nep? bontjas loopt rusteloos voor hem heen en weer. In het voorbijgaan zeg ik weer gedag tegen de man, de vrouw is ergens achter me. De man zegt niets, kijkt me wat smalend aan. Dan op hetzelfde moment voel ik iets achter me, mijn haren gaan recht overeind, maar ik durf niet te kijken en doe alsof ik niets merk. Ik weet niet wat het was, ik zag de man achter me kijken. Het is alsof de vrouw een gebaar achter mijn rug maakt, geen idee wat. Ik hoor ze lachen, ik loop 'gewoon' door. Het voelde heel erg akelig.

Verliefd zijn op iemand is niets mis mee. Maar het is wel vervelend, als mensen dingen gaan roepen over straat, en fluiten etc. bij de woning van het object van de verliefdheid.

Was naar Artis geweest, was doodmoe, en rook waarschijnlijk naar een mix van goedkoop parfum en vreemde vogelgeuren (ik was een tijd in het vogelhuis geweest, en dat meurt nogal). Op het perron van de metro stonden 3 mensen met elkaar te praten. Ik stond een eindje verderop, en merkte dat één van hun steeds naar me keek. Beetje vreemd, lacherig, vervelend, dus ik besloot het te negeren. In de metro ging ik ergens zitten, ik dacht er al niet meer aan, en toen ploften ze in het zitje aan de andere kant van het gangpad neer. Eerst leek er niets aan de hand, ik minde me own business.
Die ene persoon, een vrouw met kort haar, of misschien NB, ik weet het niet, leek zich niet zo op diens gemak te voelen. Want: de andere twee waren een stel, man en vrouw, en zoenden af en toe met elkaar. Dus besloot de eenling zich op mij te concentreren, om zo de aandacht van diens eigen ongemak te camoufleren. Geen goed plan, maar velen doen het.
Dus hoorde ik rare opmerkingen over hoe ik rook, hoe ik eruit zag, ik was te dik, ik was lelijk en raar en weet ik het, waarbij er gelachen werd, en de eenling met een soort satanisch genoegen naar me lachte af en toe.
Toen ik uitstapte, keken meerdere mensen in de coupé nogal vreemd naar me, misschien was er iets gezegd dat ik niet had gehoord? Heel erg vervelend. En toen ik op het perron was, zag ik de drie personen raar lacherig naar me kijken. Eigenlijk had ik mijn middelvinger naar ze op moeten steken. Maar ik deed het niet, ik ben namelijk altijd bang dat het nog méér agressie oplevert. Niet geheel onterecht: de keren dat ik mezelf verdedigde tegen dit soort pestpraktijken, werd de situatie alleen maar erger.

Soms haat ik mensen echt.

Oktober 2017 werd ik heel erg ziek, met ernstige duizeligheid. Het werd in de maanden daarna langzaam minder hevig, maar ik moest nog wel met een stok lopen buiten. Zodoende liep ik even naar de winkels een stukje verder, en twee bouwvakkers liepen in tegengestelde richting langs.
Nummer één:
"Hee kijk, die denkt dat ze Madonna is, hahahahahaaaaaaaa!"
Voordat ik überhaupt een wenkbrauw had kunnen optrekken, viel zijn collega al in:
"Dude, zoiets zeg je niet. Mevrouw heeft een ziekte, en daarom loopt ze met een stok."
En tegen mij:
"Sorry mevrouw, mijn collega weet niet wat ie zegt!"
Ik heb niet eens wat terug kunnen zeggen, zo snel ging het. Maar alsnog hartelijk dank voor de hulp, meneer de collega bouwvakker!

Hierover kan ik achteraf zeggen: het is heel vreemd, maar soms kán ik niet eens reageren meer. Het is alsof er een filmpje aan me voorbijtrekt, alsof ik er niet echt bij ben, terwijl ik dat natuurlijk wel ben. Het lijkt mij een wat PTSS-achtige reactie, en ik heb het idee, dat naarmate ik meer van dit soort dingen meemaak, het ook erger wordt.
Waarschijnlijk heb ik mezelf ooit aangeleerd niet te reageren, omdat dat op een zeker moment het veiligste was, en nu lukt het me niet eens meer op de meest kleine dingen te reageren. Het is alsof ik er compleet in ben doorgeslagen, het niet-reageren. Ik kan er niets aan doen. Ik was in therapie, maar dat werd afgerond omdat de behandelafdeling ging stoppen, en overging naar het Leo Kannerhuis, en ze wilden me niet 'meenemen' daarheen, omdat ze vonden dat ik genoeg manieren had om met dingen om te gaan. Terwijl het voor mijn gevoel alleen maar over autisme was gegaan, en er heel veel dingen niet eens besproken waren. En ik had het idee dat het voornamelijk was, omdat er al lange wachtlijsten zijn, en ze liever jongere mensen hielpen, dan zo'n ouwe taart die al die handige coping-mechanismen toch heeft. Die me eigenlijk juist steeds meer in de problemen brengen...

Een vreemde avond in het Rijksmuseum (don't ask, of nee, dó ask, maar dat vertel ik nog wel eens).
Als enige ga ik op zeker moment naar de garderobe om mijn jas op te halen. Daar staat als enige een jongeman, die zich blijkbaar dood verveelt. Hij doet plagerig, en als ik mijn vest sta dicht te knopen, staat hij heel onbeleefd te kijken daarnaar. Ik draai wat weg, voel me ongemakkelijk. Zodra hij m'n jas geeft, ga ik z.s.m. weg. Het gaf me een heel erg onaangenaam gevoel, had ook even het idee dat hij achter me aan liep, of misschien een soort gebaar achter mijn rug maakte. Ik weet het niet.

Op weg naar buiten, ik daalde de portiektrap af, komen er drie jonge jongens aangelopen, één van hen was familie van mijn naaste buren. We zeiden elkaar gedag, de jongens reageerden een beetje verlegen. Whatever, ik dacht er verder niet meer aan.
Blijkbaar logeerde die jongen daar, de volgende dag hoorde ik ze in het portiek, mijn goede oor ving alles automagisch op, in kleine huizen hoor je alles van buiten. Ze hadden het duidelijk over mij, er werd gevraagd bij welke deur 'ze' dan woonde, en nog meer gebabbel en toen het eindoordeel: "Ze is echt vies!" En ja, dat heb ik opgezocht. :-D

Een groepje jonge mannen loopt op me af, komt heel dichtbij en één daarvan schreeuwt in mijn gezicht, op nog geen 20 cm afstand:
"Heb je zin in m'n frikanDEL?" met de nadruk op de laatste lettergreep.
Lachen.

De biK affaire leg ik voor aan een bevriend stel, man en vrouw, zijn paar jaar ouder dan mij. Ik zit nog middenin de nogal afschuwelijke situatie, en vertel wat dingen die zijn gebeurd. Bijvoorbeeld over de keer dat een stel mannelijke collegae langsliep, en expres hardop pesterige dingen zeiden. De vrouw, kinderpsychiater, lacht het weg, want joh, boys will be boys, dat is gewoon lockerroomtalk, daar moet je niets achter zoeken.

Dat ik een paar jonge werklui op mijn werk hoorde zeggen (nadat ze naar me keken door een deur):”Best lekkere wijven hier. En dat voor een bieb!”.

Kwam van Parkpop af, loop richting station. Groepje jongens in een portiek, één roept uit:
"Wat een meloenen!"
Een ander corrigeert hem, zegt hem dat hij dat niet moet zeggen, want dat is haram. Ik zou eerder zeggen: seksistisch, dat lijkt mij meer to the point toch. Maar ik bemoeide me niet en deed weer alsof ik niets gehoord had.

Oktober, ik was ernstig ziek geworden op het werk > ziekenhuis en alles. Die konden niet echt iets vinden, en zeiden dat ik zsm naar mijn eigen huisarts moest wel, zodat ik verder onderzocht zou worden.
Twee dagen later, mijn zoon ging mee, want ik was ernstig duizelig en kon slecht lopen, afspraak bij de huisarts. Mijn eigen huisarts was er niet, en ik kreeg een vrouwelijke vervangende arts. De eerste keer dat ik haar zag, en zij mij. Ik deed mijn verhaal, ze vroeg of ik al wel eens naar een KNO arts was geweest. Ja, bij vele KNO artsen, en vertelde daar wat over. Haar reactie (ze keek me niet aan): "Wat een raar verhaal."
Maar goed, ze stuurde me door naar neurologie, ik moest meteen door naar het ziekenhuis. Einde verhaal.

Of toch niet. De neurologen die ik in de weken daarna zag, zeiden dat het wel over zou gaan met een week, maar de duizeligheid bleef en de aanvallen, en de laatste die ik zag, had gezegd dat als het langer duurde, ik weer naar de huisarts moest, of wel ook bij hem aan kon kloppen. Ik ging eerst naar de huisarts, dat leek mij het meest logische, die heeft misschien toch een ander idee.
Weer die vrouw, mijn eigen huisarts was inmiddels gestopt officieel, zij zou mijn vaste huisarts zijn.

Het eerste dat ze zei: "Waarom bent u nu hier weer?" en toen ik het uitlegde, kreeg ik alsnog een sneer, dat ze toch had gezegd dat ik het moest afwachten. Ik nogmaals alles uitleggen, maar ze vond het allemaal onzin, en ik moest niet steeds weer langskomen. Ik had duizend vragen, die stelde ik alsnog, wat me opviel was, dat ze me niet aankeek. Ik vroeg om verwijzing naar een KNO-arts, maar dat vond ze niet nodig, want: 'u heeft uw kans gehad' of zoiets. Er was duidelijk iets raars aan de hand, maar geen idee wat.
Toen ik thuiskwam, ben ik meteen op zoek gegaan naar een nieuwe huisarts, en maakte een afspraak zelf met de neuroloog, die me wel normaal behandelde (niet dat het wat uitmaakte, niemand wist wat te doen met mij). Pas nadat ik de nieuwe huisarts had kunnen regelen, en een intake gesprek had, kon ik vragen om een verwijzing naar een KNO-arts. Waar een lange wachtlijst was, waardoor ik pas 5 maanden nadat ik in het ziekenhuis beland was, terecht kon bij een KNO-arts. Lekker dan.

Ik heb het idee, achteraf, dat misschien mijn eigen huisarts één of andere seksistische opmerking in mijn dossier had staan, van 'zo'n vrouwtje dat aandacht vraagt om niets', zoiets. En dat die andere artsen dat klakkeloos overnamen, want hoe zo dan die vreemde reacties die ik kreeg?

Lange wandeling door Zuid, ik moest ergens iets langs brengen. Het was al wat schemerig, en ik liep door een brede, zeer drukke straat. Er reden auto's, een tram, een brommert, lachende groep mensen op fietsen. Aan mijn rechterkant (dovige oor) stond een bloemenstal, er stonden een paar mannen bij te praten. Ik zag ze wel kijken, maar wat heb ik daarmee te maken. Toen ik een stukkie voorbij ze was, hoorde ik opeens één van hun roepen:
"Je mag wel wat zeggen hoor, zuur wijf!"
Ik deed maar alsof ik dat ook niet hoorde. Blijkbaar hadden ze me gedag gezegd, maar hoorde ik het niet door al het verkeer...
Waar halen mannen toch altijd het idee vandaan, dat iedere vrouw hun gedag moet zeggen? Ik woonde daar niet, ik kende ze niet, was daar nog van mijn levensdagen nooit geweest, ik had niets van ze aan, er was geen connectie, niets. En ik hoorde het niet eens, ook nog. Fuk toch eens een eindje op.

ManCollega heeft problemen als vrouwelijke collega's voorstellen dat hij iets zou doen, steelt hun ideeën en presenteert ze als die van hem, en ondermijnt het gezag van vrouwelijke collega's (uiteraard achter hun rug). Het enige dat nog enigszins voor hem kan pleiten, is dat de hele werkvloer ontzettend giftig was, en heel veel mensen passen zich daaraan aan, blijkbaar. Eén voorbeeldje:
We waren samen ingeroosterd, er moesten dingen gebeuren, dus ik stelde voor dat hij ding 1 deed, en ik tegelijkertijd ding 2, dan konden we daarna samen ding 3 doen, zoiets. Het was een voorstel, hij had ook nee kunnen zeggen, of een ander voorstel doen, maar hij liep van me weg, het magazijn in, zonder iets te zeggen, en ging daar iets doen, ik weet niet wat, want hij zei niets.
Volgende keren vroeg ik hem dan maar steeds, hoe hij het wilde, dan was er in ieder geval geen rare situatie.

In het begin kreeg ik van leidinggevende de taak, om ManCollega iets te leren, en ik had hem al meerdere keren gevraagd om niet zomaar wat aan te klikken, zonder even te vragen, omdat sommige dingen vaak nogal onomkeerbaar waren. Natuurlijk luisterde hij niet, en klikte hij weer iets aan, dat niet meer onomkeerbaar was, zodat er een fout in het verzendproces kwam. In plaats van dat hij de consequenties daarvan op zich nam, er moest iemand gebeld daarover, wilde hij niet, liet hij aan mij over. Toen er later een andere (vrouw) collega bijkwam, en die mij NB een preek ging geven hoe het wel moest, zei ManCollega nog steeds niets. Dus zei ik er wel wat van, en kreeg ik zowaar nóg een preek van de andere collega, dat ik toch niet mijn collega mocht afvallen............ *broek afzak emoji*.
Een extra grap was, dat ik het al meerdere keren voor haar had opgenomen, tegenover hem en een andere collega...

We zitten in de personeelskantine aan de koffie, veel collega's bij elkaar. Veel zitten met hun telefoon te pielen, er wordt gepraat, gelachen. Ik zit recht tegenover een ManCollega, en even lijkt het alsof hij een foto van me maakt. Hij doet heel nonchalanterig, ik denk dat ik het vast verkeerd gezien heb. Hoor ik hem later praten dat hij aan zijn vrienden in een appgroep gevraagd heeft, hoe oud zij denken dat ik ben...

Er waren al veel roddels en pesterijen geweest, ik had over de pesterijen, omdat ik mij een tijd had ziekgemeld, een melding gedaan bij mijn leidinggevende, en gevraagd of hij daar iets aan ging doen. Het was geen officiële klacht, dat werkte compleet anders. Toen ik later weer aan het werk was, bleek die email nogal wat stof te hebben laten opwaaien, terwijl ik die toch in vertrouwen had verstuurd. Anyway, er ontstond zo dus een nieuwe roddel.
In het bedrijfsrestaurant, ook geopend voor het publiek, ging ik zitten eten. Op nog geen drie meter afstand, aan een andere tafel, zaten een paar collegae. Eén daarvan de bedrijfsfotograaf, waarmee ik een afspraak had staan, vanwege dat er een bundel was uitgekomen en dat zou in een blad komen. Ik had daar al mijn twijfels over, over die foto van mij erbij, omdat ik dan weer bloot zou komen te staan aan pesterijen.
De andere collega's: twee vrouwen, die ik verder heel aardig vond, nooit een probleem mee gehad, maar dat had ik blijkbaar verkeerd ingeschat.

Ik kon ze luid en duidelijk horen praten. De fotograaf, die ik even mijn kant op zag kijken, zei iets tegen hun, over dat ik toch echt een mooie vrouw was (hij klonk verbaasd?), en dat hij het zo leuk vond dat hij mij mocht fotograferen. Dat viel niet goed bij de dames (ook in latere contactmomenten bleek dat). De ene (papierrestauratie expert): "Nou, ik zou maar uitkijken met wat je zegt, voor je het weet heb je een klacht aan je broek." De fotograaf:"Hoezo, wat dan?" "Nou, ze heeft een klacht ingediend, omdat ze gepest zou worden door een paar mensen, en het is zwaar overdreven." (of iets in die strekking). De andere vrouw zei snel: "Sssst, straks hoort ze het!" en toen gingen ze wat zachter praten, hoewel de restaurazeur nog wel iets zei als: nou en, dat mag ze horen ook.

Later die dag heb ik de afspraak met de fotograaf afgezegd. Hij zei, dat ik me niets moest aantrekken van roddels, en dat wij als creatieven altijd gedoe hadden, etc. Het was wel aardig, denk ik.
Ik stuurde een email naar de restaurateur, met wat ik gehoord had, en dat ik dat heel vervelend vond dat zij mede roddels verspreidde over mij.
Het vreemde toeval (waar ik ZO ontzettend vaak mee te maken heb gehad inmiddels, dat het geen toeval meer kan zijn; wat het wel is, geen idee) wil, dat ik kort daarna een keer door de gang liep, en een flard van een gesprek tussen de twee tafeldames opving. De restaurateur zei dat ik ze gehoord had, en vroeg wat ze met die email aan moest, en of ze mijn leidinggevende moest inlichten. Het antwoord hoorde ik niet. Ze stuurde me een email terug, waarin ze aangaf, dat zij al maanden niet meer in het restaurant had gegeten, en dat zij dat dus niet was geweest.

Ik werkte daar al langer dan een jaar, werkte best veel met haar samen, ik weet toch hoe zij eruit ziet, en ik zat op drie meter afstand, hooguit. En dan zou ik haar niet herkennen? WEIRD!

De andere tafeldame reageerde kort daarna op een wat jaloersige manier tegen me, dat kan ik niet in woorden herhalen, het was een bepaalde blik en het was raar en compleet ongewoon voor haar. Heel vreemd ook.

ManCollega nadat ik vertel hoe ik werd lastiggevallen: "ik heb alle vrouwen die ik ken gevraagd, maar niemand van hen heeft ooit zoiets meegemaakt, en hebben nergens last van." Ik: Waarom zeg je dat? Hij: Nou, omdat het zo is. Ik: Voor hun, voor mij is het anders. Dus waarom zeg je het dan? Dat anderen er geen last van hebben, maakt mijn verhaal niet minder.

Na een drukke werkdag, en voordat ik naar een cursus ga, eet ik een patatje, op het station op een bank. Er komt een man naast me zitten, hij vraagt dat wel netjes, maar natuurlijk, iedereen mag daar zitten. Hij begint een praatje, prima. Wordt al snel wat persoonlijk, ook best, zolang het over hemzelf gaat. Als ik zeg weg te gaan, vraagt hij of hij mee kan. Ik zeg, nou nee. Hij: waar ga je heen dan? Ik: naar een cursus hier verderop. Hij dringt aan, hij kan toch wel mee dan? Pas als ik op het idee kom, om te zeggen dat hij dan geld moet betalen, de cursus is niet gratis, druipt hij af.

Eerste trein naar mijn werk, 6:00 uur. Groepje mannen komt net terug van het stappen, één is duidelijk aangeschoten, de anderen lacherig. De Aangeschotene gaat bij een vrouw die voor mij zit, zitten, althans probeert maar ze geeft niet toe, hij druipt af pas na meerdere pogingen. Bij een volgend station haal ik mijn tas van de andere stoel, omdat er daar altijd veel mensen binnenkomen. De vrienden wijzen de Aangeschotene daarop, dat ik plaats voor hem maak. De Aangeschotene: "O nee, die is veel te knap, die heeft natuurlijk al een man."
Leuk, en thank god kwam hij niet naast me zitten.

Vanuit de trein neem ik de metro naar huis, een groepje aangeschoten Italianen komen vlakbij zitten. Na een paar minuten richt hun aandacht zich op mij. Ik zie ze kijken, ik negeer het, dan hoor ik ze praten over of ik nou een man of een vrouw ben. De gemoederen daarover lopen nogal op, dus ik besluit een halte eerder uit te stappen.
Later realiseer ik me, dat dat misschien niet de beste move had kunnen zijn: het perron is daar 's avonds veel meer verlaten dan in het grote station daarna. Gelukkig waren ze niet achter me aangekomen.

Twee jonge mannen tegenover me in de metro (zo één met aan beide zijden lange banken, geen aparte zitjes). Eén van hen zit me continu lacherig aan te kijken, ik probeer het te negeren. Tegen zijn vriend / collega (?) zegt hij meerdere malen: "Kijk dan, wat een lekker ding, wil jij haar niet? Lijkt me echt iets voor jou!" en maar lachen. De vriend / collega, duidelijk niet op zijn gemak, vraagt hem meerdere keren om te stoppen, maar dat doet hij niet. Ik sta op en loop naar het begin van de metro, waar het drukker is.

Na afloop van een fijne dag stap ik uit de trein en neem de roltrap omlaag. Op de trap die omhoog rolt, staan twee jonge mannen, waarvan één mij lachend aankijkt, en een smalende, beledigende, kutopmerking maakt over mijn haar. Ik ben te verbaasd om iets te zeggen, eerst dacht ik nog dat het over iets anders ging. Zijn vriend/collega spreekt er hem gelukkig wel op aan, en vraagt hem of hij mij kent (nee), en waarom hij dan zoiets zegt. Het antwoord hoorde ik helaas niet meer.

Vanwege aanhoudende klachten met mijn borsten (pijn, ook in oksels, vreemde tepeluitvloed) had mijn huisarts me al doorverwezen voor borstonderzoek. Gelukkig was alles okee, de specialist opperde dat het kwam door te intensieve training. Ik train echter helemaal niets, maar het werk dat ik deed vergde blijkbaar toch teveel van me. Moest vrij veel tillen, en ik redde dat wel verder, maar dit was toch wel vervelend. Het ging ook niet weg, dus besloot ik na een tijdje toch even bij mijn huisarts langs te gaan, om te vragen of er iets aan te doen zou zijn. Ik maakte een afspraak.
Mijn eigen huisarts bleek niet aanwezig, want ik werd opgehaald door een mij onbekende arts. Een man, vrij knap, ik had hem nog nooit gezien. Ik legde de situatie uit, en dat ik toch graag wilde weten of er iets aan te doen was. Hij was niet zo van het luisteren, blijkbaar, want kwam met een nogal opmerkelijke uitspraak. Hij zei dat het nu niet de bedoeling was, dat er steeds naar mijn borsten gekeken moest worden, dat dat geen zin had. Terwijl: ik daar ook helemaal niet om gevraagd had! Ik wilde gewoon van de pijn en de andere klachten af. Maar ik moest het maar even aankijken (deed ik al maandenlang, de klachten waren er al sinds herfst 2016 NB).

Het was heel vreemd. Ik ging weg zonder enig nuttig antwoord, compleet beduusd, en hoopte maar dat mijn eigen huisarts weer snel terug zou zijn. Die had ook nog wel eens seksistische manieren van doen, maar daar viel meestal nog wel mee te praten.

Ik in een kledingwinkel, tijdens mijn lunchpauze. Jonge man en vrouw lopen langs, de vrouw maakt beledigende, pesterige opmerking over mijn haar, expres heel hard. En de jongen antwoord daarop ook extra hard en pesterig. Heel naar. Ik ken die mensen niet, nooit gezien, geen idee. Compleet bizar.

Na een vergadering met het hele team (circa 25 mensen), loop ik terug naar de afdeling met een paar collega's, we praten wat na over wat er gezegd is. Ik gaf aan dat ik wel even toe was aan pauze. Een (manlijke) collega, snerend:
"Ja, je was ook wel erg veel aan het woord he."
Ik: ...

Vanuit de metro ga ik met de roltrap omhoog, boven aangekomen loop ik naar de ingang van het station, maar daarbuiten staan een stuk of 4, 5 jongemannen en ze beginnen te joelen, terwijl ze naar me kijken. Eén van hen roept:
"Hee kijk, daar komt Hollands Glorie, halloooo!"
Er wordt nog meer gejoeld en omdat ik niet reageer, roept dezelfde figuur:
"Met zo'n zure kop kom je nooit aan de beurt hoor!" en ze lachen. Blijkbaar vinden zij zichzelf erg origineel en grappig.
Ik niet.

Vanaf het station loop ik naar huis, het is al donker, en hoewel het nog niet erg laat is, is er bijna niemand op straat, het vriest en het begint glad te worden. Voor de sportschool in mijn buurt staan drie jonge mannen met scooters, ze praten wat. In de sportschool is niemand te zien. Het is een wat ongure plek naast een groot gebouw met een onderdoorgang, die heel donker is.
Het gesprek valt stil, ze kijken naar me, als ik passeer. Eén van hen: "Hee, kijk nou, een neukertje!". Ze zeggen verder niets, staren alleen maar. Ik zeg niets, en besluit niet door de onderdoorgang te gaan, maar een eindje verder te lopen, zodat ik meer in het licht ben, bang dat ze me volgen en klemrijden in het donker.

Vanaf het station loop ik naar huis, het is al donker, het regent. Ik steek over op een zebrapad, onder een paraplu.
Twee mannen die langslopen, de één roept tegen de ander terwijl ze naar me kijken: "Kijk, wat een leukerdje!".

Station Zuid, ik ben moe 's avonds na het werk, loop van de trein naar de metro.
Twee mannen die langslopen, de één tegen de ander: "Kijk, Betty Boop is er ook!" Hahahahahahahahahahahahahaaaaaaaaaaaaaaa.

Weer een assistente die een vragenlijst met me doorneemt. Ze haalt dingen door elkaar, lijkt het, vraagt het steeds weer opnieuw. Ze verdwijnt, en ik moet heel erg lang wachten in een koude behandelkamer. Op het moment dat ik denk: ik ga maar weg, komt de arts gestressed binnen. Jonge dokter, hij praat wel met me, maar lijkt dingen door elkaar te halen. Hij vindt dat ik een bepaald onderzoek moet, wat ik eigenlijk onlogisch vind, maar hij luistert niet naar mijn redenatie. Hij geeft me een recept voor neusspoelingen, en dat moet uitgeprint. De printer werkt niet meteen, en hij wordt woest op die printer.
Later zeg ik de verdere afspraken af, ik voel me niet gehoord en een arts die zich afreageert op zijn apparatuur en mensen om zich heen, vertrouw ik niet met mijn lichaam.

Tussen alle KNO- en andere artsen met issues door, bemoeit een jongeman collega zich met mij. Hij vindt dat ik 'toch beter eens daarmee naar een dokter moet gaan.' Dus in feite: omdat ik deze collega niet heb verteld over mijn langdurige artsentrajecten, en hij daar ook niet naar heeft gevraagd, maakt hij daaruit heel simpel op, dat ik nooit naar artsen ben geweest met bepaalde klachten die ik heb, en waar we het - omdat de klachten verergerden - het dan nu over hadden.
Ik vertel hem rustig, nogmaals, want even daarvoor gaf ik dat ook al aan, dat ik daarmee al naar vele artsen ben geweest. Evengoed blijft hij doorzeiken, dat ik daarmee naar een arts moet, een second opinion bijvoorbeeld........
Moeder. Help.
Achteraf bezien, had ik hem beter ook kunnen aanraden een arts te bezoeken: hij leek nogal doof.

Dat ik al jarenlang problemen had, die erger werden. Een assistent nam een hele vragenlijst bij me af, en zei dat de KNO-arts mogelijk nog meer aanvullende vragen zou stellen.
Even later bij de KNO-arts, we groeten, hij zegt dat ik op de behandelstoel kan gaan zitten. Dan zegt hij, dat hij even mijn oren zal schoonmaken. Fluitje van een cent, en als hij klaar is rolt hij op zijn stoel naar zijn bureau, en gaat zitten typen. Hij zegt niets. Ik wacht. De assistent loopt met een blik als een oorwurm door de ruimte.
Na enige tijd kijkt de arts naar mij, en zegt: "U mag gaan hoor!"
Ik, compleet verbluft: "Maar, wat dan met al die klachten die ik heb, ik kwam hier toch niet om mijn oren schoon te laten maken." Hij gaat een tijdje zijn computerscherm lezen, en daarna volgt een weird gesprek, waarin hij al heel snel zwaar geïrriteerd is. Ik ga weg met het zoveelste recept voor neusspray, waar ik niets aan heb.

Ten eerste twee jongens die achter me staan, en het nogal over mij hebben, laat ik maar zeggen 'positief bedoeld.' Later gaan ze mijn leeftijd raden, als de band (die me HEEL erg tegenviel btw, ik noem geen namen) gaat vragen hoe oud het publiek is. Ik steek expres bij meerdere leeftijdsgroepen mijn hand op (ook bij die van 80-100 en ouder) :-D.

Later die avond staat er een man met een vrouw, ze hangt om zijn nek, wil dat hij mee naar huis gaat, ik zag hem al een paar keer naar mij kijken. Ik let er verder niet op, sta wat te dansen. Loopt er na een tijdje iemand van achteren heel erg hard tegen me aan, is het die man. Hij kijkt me diep in de ogen, gaat er even goed voor staan, zegt sorry, en ik: eh ja okee, en dan loopt hij weer door.
Even later voel ik iets anders achter me, ik kijk om, er staan twee jonge mannen te dansen en ze kijken naar me, ik lach even vriendelijk uit beleefdheid, en als ik weer voor me kijk, maakt één van hen me compleet belachelijk en hoe lelijk ik wel niet ben etc. Ik ga weg, terwijl ze hard staan te lachen. Bij het weggaan staan er best veel mannen, die geen van allen ook maar één stap uit de weg doen, ze doen allemaal lacherig en vervelend en ik wil daar nooit meer heen alleen.

(mijn gebed werd verhoord blijkbaar: ik ben sinds 2017 te ziek om naar bands etc te gaan, en met de pandemie is het hele feest voor mij en vele anderen sowieso voorbij).

Moe van een lange dag, zit ik 's avonds rond een uur of tien in de metro richting huis. Op enig moment word ik mij bewust van een grote man, die bij de deur staat, ik zit een eindje verderop. Hij staart me aan.
Het is niet heel erg druk, en naarmate de metro verder gaat, stappen er steeds meer mensen uit. Ik heb de man al even semi-bozig aangekeken, met de bedoeling dat het vervelend is dat hij zo staart. Als reactie zet hij zijn spiegelende zonnebril op, en blijft naar me staan staren. Als ik bij mijn halte uit wil stappen - hij staat bij de deur die opent - maakt hij geen ruimte voor me, ik vraag het hem, hij reageert niet, dus ik wurm me snel en voorzichtig langs zijn lichaam, zodanig dat ik hem niet aanraak, en maak me uit de voeten. Gelukkig blijf hij in de metro, en wordt ik niet gevolgd.
Echt scary vond ik dit.

Spitsuur in het OV, ik stapte na een drukke werkdag vanuit een overvolle trein over in een nog vollere metro richting Zuid. Het was warm en iedereen was moe. Ik zat in een hoekje gepropt van een vierzitje, naast mij een vrouw met haar rug tegen mijn zij, we verschoven steeds wat om niet tegen elkaar aan te zitten, maar dat hielp niet veel, iedere keer schoven we weer tegen elkaar aan. Mijn benen moest ik zowat in mijn nek leggen om nog enigszins ruimte te hebben. Achter het bankje tegenover mij was een glazen plaat, die zitje wat afschermt van de uitgang van de coupé. Achter die glasplaat stond een man. Hij keek naar me. Sterker nog: hij staarde me aan, continu. Ik deed alsof ik het niet zag. Het was heel vervelend, ook en vooral omdat ik geen kant op kon.
Het was een wat oudere man, jaar of 60, kalend van boven, met wat langer bruin haar rondom, een beetje jaren 70. Ook zijn bril leek uit die tijd te komen. Later leek het me, dat het een soort vermomming zou kunnen zijn.
Na een kwartier opgepropt te hebben gezeten, kwam mijn halte in zicht, en de vrouw naast me was al opgestaan, dus ik had wat ruimte om anders te gaan zitten. Toen de metro stopte stond ik op, en moest naar de uitgang. Het was een eindcoupé, dus ik kon alleen langs waar die man achter die glazen wand stond. Het was nog steeds propvol, er stonden rond hem meerdere mannen, iedereen was bezig met zijn telefoon. Op het moment dat ik langsliep, hij stond rechts van me, ik moest er links uit, stapte de enge man opeens met een grote stap richting mij, met zijn heupen raar omhoog gericht, het leek een poging om mij met zijn geslacht aan te raken. Ik zag zijn stijve door de broek heen (die hij gelukkig dan wel aanhad) en kon hem ontwijken, en ik snelde naar buiten. Niemand leek het te zien, maar het ging ook zó snel. Ik ging snel de roltrap af, en heb nog gekeken of hij achter me aankwam, maar dat was niet het geval.

Het was echt ranzig. Ik twijfelde over wat ik moest doen, maar heb het uiteindelijk zowel bij het vervoersbedrijf als bij de zedenpolitie gemeldt. Ik kreeg een soort standaardreacties, en heb er nooit meer wat over gehoord. Ik hoop dat andere vrouwen het ook gemeld hebben, dit deed hij vast al vaker.

Om de eerste trein te halen, en zo vroeg te kunnen beginnen op mijn werk, zodat ik dan in ieder geval de ergste spitsuren enigszins kon vermijden, nam ik de eerste metro. Vanaf mijn huis was het ruim 10 minuten lopen naar het station, dus ging ik meestal rond 5:35 van huis. Gedurende een groot deel van het jaar is het dan nog donker, en meestal was het dan nog heel stil op straat. Zo ook nu.
Ik passeerde de brug, en zag en hoorde in de verte een scooter aankomen. Het leek alsof die rechtdoor ging, maar net toen ik moest oversteken, besloot de bestuurder, een jonge man, linksaf te slaan en zo vlak voor me voorbij te rijden. De bestuurder riep naar me:
"Hee lekker wijf, wil je een triootje?"
Ik schrok sowieso al van dat ie opeens voorlangs kwam gescheurd, en zo'n opmerking is ook niet echt heel fijn, als je in het donker, alleen over straat loopt. Hij was trouwens niet alleen, achterop zat een jonge vrouw met blond haar. Ze leek heel erg op iemand die ik soms bij de metro zag, 's ochtends vroeg. Vreemd. Die ochtend stond ze er niet, trouwens.

Na een lange werkdag stap ik de metro in, ik heb in 1 oor een oortje met muziek, niet heel hard. Mijn andere oor is redelijk doof, maar toch hoor ik het één en ander. Ik hoorde al iets van: o kijk, komt ze hier zitten, ja ja o ik hoop het en ja! Op het moment dat ik neerplof, tegenover me zitten 2 vrouwen. Ze kijken naar me, ik negeer ze, zoek wat in mijn tas en zo, weet ik veel. Dan besef ik, dat ze het over mij hebben... Hoe knap ik wel niet ben, zou ze ook? o ja, en dit en dat, hoe oud ik zou zijn... tot ik ze geïrriteerd aan kijk, en ze met schuldbewuste hoofden de metro uitstappen.

Dit was op ook weer rond 5:40 in de ochtend, het was al redelijk licht, maar evengoed heel stil op straat. Vlakbij het metrostation staan een aantal flats, en op een balkon op de 1e verdieping van de dichtstbijzijnde flat stond een man in een witte badjas een sigaret te roken. Hij riep naar me:
"Hee schatje, ik kruip er zo weer lekker in, kom je bij me liggen?"
Omdat hij op een balkon stond, was het niet bedreigend, maar op dat moment kon ik het ook niet echt waarderen. Hoezo, schatje? Ik negeerde hem. Later kon ik er wel om lachen, toch. Hij sprak met een Surinaams accent, en dat is heel cliché bevestigend, in de zin dat vaak wordt gedacht dat het vooral mannen van kleur zijn die vrouwen lastig vallen, terwijl ik zo ongeveer door iedereen wordt lastig gevallen, in ieder geval even vaak door witte als door gekleurde mannen. En ook zelfs soms door vrouwen. Wat nog maar weer eens aantoont, dat seksisme een systeemprobleem is, en niet gebonden is aan één cultuur.

Van A naar B en te laat merkte ik dat ik tussen 2 terrassen vol drinkende mannentoeristen door liep... Geroep, gejoel, gestaar, opmerkingen, meningkjes, gelach.... het is vrijwel onmogelijk om dan nog te kunnen doen alsof je het niet merkt.

Het feit dat iemand verliefd op me is, en daarmee worstelt, is uiteraard geen voorbeeld van vrouwenhaat. Maar wat heel vervelend was, was de manier waarop zijn vrienden of huisgenoten opmerkingen maakten, recht tegenover mijn huis, hardop, fluiten en roepen. Dat vond ik echt vervelend. Het gepraat over mij, dat ik soms kon horen, vond ik ook erg vervelend. Alles was toen al moeilijk genoeg, en dan kwam dat er nog bij. Ik had liever gewild dat hij naar mij toe was gekomen, desnoods een briefje in de bus gedaan, whatever.

Het hele verhaal (okee, alleen mijn kant daarvan - dit is dan ook mijn website... maar 'Matthew', als je dit leest, je mag altijd jouw versie insturen) lees je HIERO.

Een tijdje, rond 2014/2015, dacht ik even dat in de gaten werd gehouden door een sociaal rechercheur of zo. Af en toe stond er een man tegenover mijn huis, semi-nonchalant een sigaret te roken, of weet ik het wat hij daar deed. Soms keek ie naar mijn huis. Geen idee wie of wat dat nou weer was.
Ik was druk met werk en gezeik omtrent werk, dus pas eind 2017, toen ik ziek was, kwam ik erachter dat het een buurman was die een stukje verderop woonde. Niet zo vreemd ook: als je niet op de begane grond woont, zie je mensen niet voorbij lopen, of ergens naar binnen gaan, dus weet je vaak ook niet wie waar woont (ik althans niet... sorry).

Af en toe kwam ik hem tegen, dan zei ik vriendelijk gedag, maar hij staarde me alleen maar aan, en zei nooit iets terug (en ja, hij liep aan mijn goede oorkant). Soms, als ik aan kwam lopen richting mijn huis, zag ik hem ergens voor zijn huis staan, spelend met een hond of zo, en dan stopte hij en staarde naar me.

Vond het een beetje creepy wel. Geen voorbeeld van vrouwenhaat? Ik denk het toch wel, vanwege het gestaar en wat stalkerig aandoende gedrag. Het zou ook kunnen zijn, dat Boze Buurman deze man ook op de hoogte had gebracht van mijne vreselijkheid, dat-ie voor me op moest passen en zo meer. Dat maakt het dan juist nog méér vrouwenhatelijk.

Huisarts mansplaint me zijn ideeën over kunstenaars, hoe je als kunstenaar geld moet verdienen, etc.

Aardige man hoor, en we maakten wel eens een praatje. Hij woonde een eind verderop in de straat, had me half half op de koffie gevraagd, en ik half half geaccepteerd, kortom nogal vaag allemaal. Ik woonde daar al een tijd, had een relatie, dacht er verder niet meer aan.
Op zekere dag had mijn lover de relatie verbroken, na 9 jaar is dat nogal pijnlijk, en er was iets met mijn telefoon, en gedoe en ik liep buiten, kwam ik die Buurman tegen. Hij wilde me vastpakken en omarmen, en ik dacht holy shit, wat is dit? Ik zag ook, dat hij voordat hij dat deed, even snel naar boven keek: daar zat heel vaak een andere buurman Henk de boel te bekijken, en als het nodig was van luidruchtig commentaar te voorzien; ze waren sort of bevriend. Maar Henk was er niet die dag, en dus dacht Buurman mij vast te kunnen pakken.
Ik dook behendig eronderdoor, zei wat over ik moet weg en liep door en mijn hoofd was bij heel andere dingen.

Opeens werd er daarna af en toe 's nachts aangebeld. Ik hoorde eens iemand's flip-flops wegsprinten van de trap daarna. Dit heeft meerdere jaren geduurd, later heb ik wel eens gedacht dat het misschien Matthew was een keer (maar dat was dan pas in 2018, niet al in 2014). De dader was altijd snel vertrokken. Was dat deze Buurman? Geen idee.

Bij mooi weer had ik mijn ramen open natuurlijk, ik zat een keer achter mijn pc, druk bezig met weet ik het wat, en hoorde toen opeens Henk de wakkere buurman roepen: "Hee Buurman, ga eens weg bij dat raam joh!" en ik keek op en zag Buurman aan de overkant naar mijn huis staan te staren. Hij riep iets onverstaanbaars naar Henk en maakte zich uit de voeten.
Enige tijd later kwam een buurvrouw naar me toe: ze had een briefje van Buurman in haar brievenbus, het zou wel voor mij zijn dacht ze. En inderdaad, het was een wat dringend geformuleerde oproep om Buurman te bellen en af te spreken.

Ik heb toen een aardig briefje teruggeschreven, dat ik dat bij nader inzien toch liever niet meer wilde, en gevraagd of hij me voortaan met rust wilde laten, ik had andere dingen aan het hoofd. Even goede buren, niets aan de hand, enzomeer, geen probleem toch. Dacht ik.

Het aanbellen ging door, niet heel vaak, maar toch. Buurman stond niet meer aan de overkant, want Henk. Hij liet me met rust, leek het. Als we elkaar op straat tegenkwamen, wat gelukkig niet zo vaak was, vertrok zijn gezicht van woede, en meestal ging hij dan demonstratief naar de overkant. Ik vond het een beetje eng. Was wel eens bang dat hij me iets aan zou doen.

In 2018, toen er een nieuwe buurman naast me kwam wonen, hoorde ik Henk over mij roddelen, terwijl ik die nieuwe persoon nog niet eens ontmoet had. Ik zou mannen het hoofd op hol brengen, en ze daarna laten vallen. Mijn god. Nieuwe Buurman maakte hier gretig gebruik van en roddelde fijn verder.

Ik had wat boodschappen gedaan in de buurt, liep naar huis, het was redelijk druk in de buurt. Op een gegeven moment loopt er een jonge man, jaar of 20, langs, expres loopt hij zo dichtbij mogelijk, en sist naar me: "Je ziet er niet uit!".
Tja.

Er zitten wat ballen aan een tafeltje op een terrasje, het is op de stoep, ik loop daar langs, de stoep is niet zo heel breed. Eentje zegt iets, dat ik niet versta, en dan: Je mag wel lachen hoor!. lachuhhhhhhhhhhhhhhhh allemaal.

Als ik een supermarkt bij mij in de buurt wil binnengaan, lopen er in de vrij brede gang naar buiten 2 jongens, jaar of 17. Ze gaan uit elkaar om mij te dwingen om tussen hun door te lopen, dan zeggen ze allebei heel hard: "HOERRRRRRRRR." Een mevrouw die bij de bakkersafdeling daarnaast staat, doet alsof ze niets hoort.

Oudere kunstenaar komt opdringerig naast me zitten, gaat er vanuit dat ik dat prettig vind, zijn arm om mijn stoel, wil me bijna zoenen, en als ik niet wil: o saai.

Ze komen uit een huis bij mij om de hoek, en terwijl ik langsloop, gewoon hardop: Is dat nou een man of een vrouw? ...

Op de terugweg van een markt, liep ik met mijn zoon en zijn toenmalige vriendin naar de tram. En dan zomaar, out of the blue, hoorde ik iemand 'heks' blaffen. Even verderop zat een bebaarde, morsige man naast een supermarkt op de grond, hij keek heel boos naar me. Geen idee wie hij was, of wat zijn probleem was met mij.

Lekker aan het wandelen langs de rivier, ik heb mijn camera om mijn nek hangen. Terwijl ik aan kom lopen over het jaagpad, zitten 2 oudere dames naar me te kijken, en ze hebben het over me. "vast een duitser" en "ze kijkt raar uit d'r ogen". In het voorbijgaan zeg ik ze vriendelijk, in het Nederlands, gedag. Geen sjoege, ze doen alsof ze me niet zien.

Het is koud, ik voel me ziek, en draag dus 2 sjaals. Ik loop 's avonds naar huis, het is stil in de buurt, er is helemaal niemand anders en twee jonge mannen lopen me tegemoet. Vlakbij gekomen, begint één van hen over mijn 2 sjaals: "O kijk, ze heeft 2 sjaals, zullen we die pakken, ik wil ook wel graag een sjaal!" en ze lachen want ze vinden zichzelf heel erg gevat en lollig enzo.

Twee vrouwen in de tram, ik merk dat ze naar me kijken en over me praten, als ik terugkijk doen ze alsof ze dat niet doen, zodra ik wegkijk gaan ze weer verder. Ze hebben het over mijn gezicht, mijn huid, het is heel akelig. Zodra ze langs mij lopen om uit te stappen, kijk ik ze boos aan, ze voelen zich opgelaten.

Op de hoek van de straat, een eindje verder, zat een tweedehandswinkel. Er werkte een man met donker krullend haar, die op een gegeven moment rotopmerkingen begon te maken als ik langs liep. Geen idee waarom, ik kende hem niet, maar het zou kunnen zijn, dat hij me eens gedag heeft gezegd, en dat ik niets terug zei. Ik ben namelijk doof aan één kant, en in een drukke stad gebeurt het dan regelmatig dat ik - zeker als er net auto's of brommers passeren - niets hoor. Veel mannen interpreteren dat als 'vrouw die je negeert' terwijl het dus gewoon 'vrouw die je niet hoorde' is. Tja, het is niet aan mijn buitenkant te zien, sorry daarvoor! En dan nog: als zóu een vrouw je negeren, hoef je haar alsnog niet uit te schelden en beledigen.

Hoe dan ook, menig keer had ie een rotopmerking klaar. De keer dat hij een paar mannen hielp met spullen in- of uitladen, en ik langs liep, en één van de mannen zei:
"Mooie vrouwen hier in de buurt!"
Waarop Winkelbuurman met een sneu probleem het nodig vond om op te merken (uiteraard lekker hard, zodat iedereen kon meegenieten van zijn scherpzinnigheid):
"Al zou je een zak op d'r harses doen, dan nog zou ik 'm er niet in willen hangen."
De mannen lachten. Zo grappig was dat toch niet? En de originaliteitsprijs krijgt het ook al niet.

Het werd steeds vervelender om daar langs te moeten. Dus liep ik vaak een heel eind om. Ik wilde ook een keer proberen iets te zeggen, op een moment dat hij alleen buiten zou staan, en toen dat moment daar was, en ik naar hem toeliep, ging hij snel naar binnen. Ik durfde niet naar binnen.

In 2015 denk ik, liep ik weer eens langs, nu eens met mijn goede oor aan de kant van de winkel, ik liep aan de overkant. Hij zat in het zonnetje, een vrouw die volgens mij de winkeleigenaar was, ik weet niet of ze ook een stel waren, stond spullen op te ruimen buiten. Toen hij mij zag, zei hij: "Daar heb je dat kutwijf weer." Zoiets.
Ik bemoeide me niet, negeerde het, maar terwijl ik langs liep, ging de vrouw tegen hem in. "Waarom zeg je zoiets? Ken je haar?" Hij mompelde wat, en ik hoorde nog hoe zij zei: "Doe je dat nu weer?" Waaruit ik opmaakte, dat Winkelman met een sneu probleem al eerder dit soort dingen had geflikt. In een facebook groep voor tweedehands spullen maakte eens iemand een opmerking, dat hij zo aardig was. Ik heb toen gereageerd met hoe hij tegen mij had gedaan. Ik weet niet meer, of dat daarvóór of daarna was. In ieder geval was hij kort daarna verdwenen, en kon ik weer enigszins rustig over straat (tot een volgend gedoe, dat is).

Bij Postnl werkende in de sorteerfabriek, vrij veel mannen in mijn team, in alle teams eigenlijk. Dat gaat allemaal wel okee. Bij een ander team, in de booth naast ons, schijnen wat dingen aan de hand te zijn. Ik hoorde vaag iets over dat een jonge vrouw een man had aangeklaagd vanwege ongewenst gedrag, maar kon ook een roddel zijn, ik had geen idee en kende haar verder niet.
Op zeker moment was het schafttijd, ik zat met mijn groepje, en zij aan een andere tafel met haar groepje, en een collega van mij maakte een opmerking over haar haar, en iedereen lachtte en ik lachtte gewoon mee, terwijl ik op hetzelfde moment dacht: "Wtf, dat is niet okee toch..." maar ik wilde graag One of the Guys zijn.

Weken later, tijdens een heel ander moment, gewoon niets met haar of zo te maken, één van de mannen maakte een flauwige grap en iemand zei: "Dat mag niet hoor, er zijn vrouwen bij." En dezelfde collega als doen van de haar-opmerking, zei daarop: "Welnee, Hannah is toch gewoon one of the guys."
En ik lachte schaapachtig, en voelde me ongemakkelijk en misschien wat betrapt ook (volgens mij merkte hij dat ook).

's Ochtens vroeg, ik moet naar mijn werk, er is nog niemand op het station, behalve een groepje jonge mensen, paar mannen, paar vrouwen, die bij de roltrap hangen. Er is iets met het OV, dus ik vraag ze daar iets over, of zij misschien weten of de trein wel gaat, zoiets, ik vraag het vriendelijk. Geen antwoord.
Ik ga bij het perron staan, een stukje verderop, dan hoor ik ze dingen zeggen als: kutwijf, ga zelfmoord plegen, en: we kunnen haar een duw geven, dan denkt toch iedereen dat ze zelfmoord pleegde. Ik vind het erg onveilig en loop semi-rustig naar een andere kant van het perron, een groot stuk bij hen vandaan.

Na een langdurige ziekteperiode, heb ik een aanvraag gedaan om met een ondernemersklas mee te mogen doen. Een mannelijke ambtenaar belt, en zegt dat dat een goed idee is op zich, maar dan: "Kun je wel een beetje rekenen? Dat is wel nodig hoor." op een toon alsof ik een kind ben.

Ik blijk kanker te hebben, en ben onder behandeling bij een zeer goed aangeschreven gynaecoloog in mijn woonplaats. Hij neemt de tijd, legt dingen goed uit, staat open voor vragen etc, helemaal fijn. De tumor is langzaam groeiend, en dus is het geen probleem dat ik op een wachtlijst kom voor een operatie, die over een week of zes zal plaatsvinden. Ik vertrouw op deze arts, en heb dus ook geen probleem met de wachttijd.
Kom ik met mijn toenmalige vriend op bezoek bij zijn broer. Die al snel zijn mening aan mij probeert op te dringen: hij vindt dat het niet kan, zo'n wachttijd, en ik zou beter een arts moeten vinden in zijn woonplaats, want voor zijn knie-operatie kon hij gewoon op korte termijn terecht. Ondanks dat zowel ik als mijn vriend uitleggen, dat er geen probleem is, dat ik een heel goede arts hen etc, blijft hij aandringen en wordt boos omdat ik niet zijn mening deel.

Bij een wat verlaten bushalte, stap ik in de bus, die blijkt geheel leeg te zijn. De chauffeur reageert wat vreemd naar mij, rare grijns op zijn gezicht, en terwijl ik wil gaan zitten, trekt de bus al heel hard op, zodat ik bijna door de bus vlieg, en me nog net kan vasthouden aan een stang, waar ik dan maar ga zitten. Hij rijdt onbehoorlijk raar en hard. Het lijkt alsof hij dronken is? Hij kijkt steeds naar me in de spiegel, ik negeer hem, en doe alsof ik niets in de gaten heb. Pas na een hele tijd komen we bij een halte waar mensen staan te wachten, en gaat hij weer rustig en netjes rijden.
Hij kijkt weer als ik op de stop-knop druk, en plaatst de bus niet goed bij de halte, zodat ik in de diepte moet uitstappen, bij een grote plas, hij doet ook lang over de deur openen.

In mijn toenmalige huis had ik een tuin, en we hadden daar ook rolafvalbakken. Die hadden we daar al jaren, ik woonde daar al jaren, veel meer jaren dan dat ik met mijn toenmalige vriend was, die nog nooit een huis had gehad met afvalrolbakken. Op een dag waren we ergens geweest, en we gingen achterom, omdat ik nog een bak moest terughalen van de straatkant. Toen ik met die bak liep, zie mijn vriend: "Dat kun je beter andersom doen."
Ik: "... eh... wat?"
Hij: "... " Hij: "... eh oja, nee, jij weet dat natuurlijk veel beter, hihihi!"

Na een drukke dag en avond ga ik 's avonds met de laatste trein naar huis. Er zit slechts één vrouw in de coupé, aan de overkant van het gangpad. Ik zit bij een driepersoonszitje, op de tweepersoonsbank. Er komt een groepje druk pratende en lachende jonge mensen binnen, paar mannen, paar vrouwen, ik let er niet zo op. Ze gaan ergens achter me in dezelfde coupé zitten. Zodra de trein rijdt, komt één van hen, een lange, duidelijk aangeschoten man, bij me zitten, op de stoel tegenover me, begint tegen me te praten, op akelige toon. De anderen lachen er alleen maar om. Ik probeer rustig te blijven, en beleefd, terwijl ik me heel onveilig voel. Hij plaatst één been op de zitting naast me, zodat ik klem gezet ben, ik kan niet zomaar weg nu.
Ik zoek met mijn ogen even steun bij de vrouw aan de andere kant, maar ze is een zwarte vrouw, en kijkt weg, wat ik wel snap: zij krijgt waarschijnlijk nog méér gezeik dan ik. Dus ik laat het maar over me heen komen. Gelukkig valt de man in slaap, maar zijn been blijft waar die is. Na een treinrit van wat uren leek te duren, komt mijn station in zicht. Ik wacht tot de trein vaart mindert, en stap dan zo voorzichtig mogelijk, met veel moeite, over het been heen, ik moet daarbij half op de stoel gaan staan. Dan ga ik gauw bij de deur staan, en zodra die opent snel ik weg. Gelukkig hoor ik niemand achter me.

Vanwege een grote expo in mijn toenmalige stad, waaraan ik ook meedeed, waren er ook een aantal kunstenaars van buiten NL, die een logeeradres nodig hadden. Bij mij kwam een jonge, Engelse, kunstenaar logeren. Het verliep wat stroef met hem, en hij deed nogal cocky tegen mij. Ik wilde dat hij zich enigszins comfy voelde, maakte eten, koffie, thee whatever, vroeg hem of hij wat wilde doen, of iets wilde zien. Ik nam hem mee de kroeg in, op een zeker moment zei hij: We gaan. Niet "zullen we gaan?", of "ik ben moe, zullen we gaan?". Nee: "We gaan." (en kom me niet aan dat het een vertaalding van mijn fout was, ik weet wat hij zei, en jij was er niet bij).
Bij mij thuis kon hij internetten zoveel hij wilde; was ik aan het koken, zat hij als een malloot te ranten tegen iemand op facebook of zo, over iets tegen automatisering in de kunst en hij ging ongeveer over de rooie. Had ik me uitgesloofd om lekker eten te maken, stond het eten koud te worden op tafel omdat hij zijn enorme rant moest en zou afmaken.
Moest ik naar Amsterdam voor een afspraak, bood ik aan dat hij mee zou gaan, en dat we na mijn afspraak naar het Stedelijk of zo zouden kunnen gaan. Hij was beledigd en deed compleet ongeïnteresseerd. Dus wees ik hem de weg naar de gezamenlijke expo, hij ging kijken of hij daar kon helpen. Vervolgens kwam hij niet meer terug, en liet niets horen. Het was echt nogal nasty.
Op de openingsdag, ik had bloemen en zo lopen regelen voor de organisatoren, allemaal gedoe, later gingen we met een hele groep naar de kroeg maar hij was nergens te bekennen. Ik had nog gezocht om hem mee te vragen. De anderen dronken vrij snel en veel, maar ik was moe, en had heel weinig gedronken, ook omdat ik me wel verantwoordelijk voor hem voelde. Toen we met een paar mensen naar mijn huis gingen, bleek hij daar te zijn, getuige een spoor van kledingstukken, plus wat dameskleding hier en daar. Ik rookte niet, maar ze waren zo leuk geweest om een paar peuken uitgedrukt te hebben in een kaars die op tafel stond. Ik vond het echt zo bizar, en toen hij en zijn one-night-stand naar beneden kwamen, heb ik hem gezegd dat hij moest gaan. Ik wilde hem niet meer in mijn huis, ik was echt boos.
Cocky werd toen ook boos, en beschuldigde mij ervan, dat ik mijn best niet had gedaan voor hem, dat ik zomaar wegging soms zonder hem... God het was echt raar, want ik was steeds heel duidelijk over wat ik ging doen, ik moest nou eenmaal naar afspraken etc.
Iemand van het gezelschap poogde het te sussen, met de opmerking dat 'we' allemaal teveel gedronken hadden. Well, thank you very much... mijn gedoe met die gast weggebagatelliseerd.
De volgende dag waren hij en de vrouw weg, hij kon bij iemand anders verblijven. En daar was hij de beminnelijkheid zelve, en ik de rare dronkelap die ze niet helemaal op een rijtje had...

Ik loop over straat, een grote groep jongens, jonge mannen, zitten wat te eten en te keten, en roepen dan dingen als 'kech' en 'ouwe hoerrr' en vinden zichzelf heel erg grappig.

Mijn toenmalige vriend, we gingen al een aantal jaar met elkaar, we woonden niet samen, ging een avondje stappen met vrienden. Ik bood aan dat hij wel bij mij thuis mocht slapen, ik woonde dicht bij de binnenstad. Ik had wel gevraagd of hij me gewoon wilde laten slapen, ik moest alweer vroeg op. En ook had ik gezegd, dat ik vast wel even wakker werd, en dat dat niet erg was, maar wel graag dan weer verder wilde slapen. Okee, prima.
Die nacht werd ik natuurlijk wakker van wat gestommel, mijn vriend die in bed kroop. We lachten wat, ik draaide me om en viel bijna weer in slaap, tot hij me van achter aanraakte en liet merken dat hij zin had om te vrijen. Ik zei nee, en wilde weer gaan slapen. Toen greep hij me van achteren beet, en trok me naar zich toe, op vrij stevige wijze. Ik schrok, en worstelde me los, en vloog het bed uit, en zei dat hij dat niet moest doen.
Uiteindelijk gingen we weer slapen, althans hij snurkte vrij snel, ik lag een tijd wakker. We hebben het er later over gehad, ik heb het uitgelegd, maar hij bleef erbij dat ik overdreef en dat het onzin was, hij bedoelde er toch niets mee. Mijn uitleg dat het heel bedreigend overkwam, zeker voor mij met mijn ervaring van verkrachting binnen een relatie. Maar hij bleef het overdreven vinden.

Een sollicitatiegesprek bij een universiteit, met een prachtige en interessante bibliotheek. Op de één of andere manier zijn mijn sollicitatiebrieven altijd zó goed, en zoveel beter dan mijn werkelijke ik, dat het eigelijk alleen maar tot teleurstellingen kan leiden. Het gesprek was met mijn aankomende leidinggevende, een hele aardige man, en een vrouwelijke collega, stukje ouder dan mij. Tijdens het gesprek zat de vrouw tegenover mij, de man zat tussen ons in aan tafel. Het gesprek ging goed, leek mij. Behalve dan, dat de vrouw een aantal keer - veel keer - ergens richting mijn borsten keek. Geen idee wat er was. Ik heb borsten, sorry daarvoor, ik kan ze moeilijk afdoen voordat ik naar mijn werk ga. Moet ik ze verstoppen? Christ, het is ook echt nooit goed. Te veel, te weinig, make up your minds!

Nou ja, niet aangenomen natuurlijk, geen reden behalve dan dat de andere kandidaat beter in het team paste (welk team, er was geen team... alleen die twee).

Ik loop door een vrij brede steeg in mijn toenmalige woonplaats, twee jonge vrouwen lopen me tegemoet, en bij het passeren kijken ze heel erg naar me, en één van hen zegt heel hard: "Ik heb zin d'r in elkaar te trappen" en de ander iets van "ja, zo'n lelijk wijf" en natuurlijk het zou ook over iemand anders gegaan kunnen zijn, maar het voelde alsof het over mij ging en ik voelde m'n nekharen omhoog gaan, maar deed alsof ik niets hoorde.

Mijn vriend en ik hebben bezoek, gezellig! Zijn ex-vriendin en haar vriend en wij zitten te praten, niets aan de hand. Op zeker moment vertel ik over wat dingen die rond mijn huis gebeurd zijn in de jaren vóórdat ik mijn vriend kende. Ik had daar nooit veel over gezegd, niet vanwege welke reden dan ook, het is gewoon niet ter sprake gekomen misschien? Er was eens dingen van mij in brand gestoken, en zo waren er nog wat meer dingen. Mijn vriend wordt opeens nasty, en zegt dat dat niet zo is, ik had dat nog nooit verteld en dus was het niet zo. Het bezoek is wat verward, ik eigenlijk idem dito.
Ik reageerde dus met te zeggen dat het wél zo is, en dat hij daar niets van weet, omdat we elkaar toen nog niet kenden. Het was echt heel naar, en ik werd oprecht boos, want hij zette mij weg als een sneuïige leugenaar... en toen werd hij nog boos op mij ook, omdat ik boos werd. God. Het bezoek ging weg. De ruzie tussen mijn vriend en mij werd sort of opgelost, maar het kwam later ook nog wel eens terug. En altijd net als we met andere mensen waren, vreemd genoeg.
De vrouw van het stel was heel aardig, en daar had ik later nog wel contact mee, ook nadat ik en vriend uit elkaar waren. Maar haar vriend had mij ontvriend en ik voelde dat hij uit mijn buurt bleef. Het was zoooo weird.

Ook in de bibliotheek van de hogeschool: ik weer in mijn eentje aan het werk, laatste uur voordat de tent dichtgaat, er is niemand meer. Komen er 2 jongemannen binnen, gaan in het kopieerhok wat dingen doen, komen na een tijdje naar mij en eisen een doos om hun scripties in te doen. Ik wijs ze er vriendelijk op, dat als er geen dozen in het kopieerhok staan, er geen dozen zijn. Ze worden boos, en eisen nogmaals een doos, want die zouden we ergens in onze berging hebben. Ik check de berging, meer voor de vorm dan voor het echie, omdat ik al weet dat die er niet zijn. Nogmaals zeg ik dat er geen dozen meer zijn. Eén slaat op de desk, ze vloeken, ik ben een kutwijf en zo meer, gelukkig houden ze het voor gezien en gaan ze weg. Zodra ik ze niet meer hoor, doe ik de deur op slot.
Toen ik het incident meldde, zouden er maatregelen worden genomen. We kregen een walkie-talkie, met summiere uitleg hoe zoiets werkt. Plus: hoe kan ik een vage ding besturen als ik bedreigd word? We zouden een anti-agressie-training krijgen, dat duurde een uurtje met wat algemene info, het was zooo summier. Ik vroeg of ik dan niet meer alleen hoefde te werken op vrijdag, dat zou al prettig zijn. Toen werden de roosters wel wat veranderd, maar vaak namen mensen dan toch weer vrij, dus toen heb ik gevraagd om niet meer als afsluiter te worden ingeroosterd, maar dat was dan weer problematisch... Kortom, het werd niet echt heel serieus genomen.

Ik werkte als applicatiebeheerder, bibliotheekmedewerker én als helpdeskmedewerker in de bibliotheek van een hogeschool. Daar waren ook heel veel studentenwerkplekken, met pc's, en dat viel ook deels onder mijn verantwoordelijkheid. Op sommige dagen was ik daar alleen werkzaam, dat was dan meestal op een vrijdagmiddag, alle collegae vroeg naar huis. En als ik dan alle pc's naliep, of alles goed was afgesloten, dan hadden de grapjassen - die dat natuurlijk wisten dat ik dat deed - op veel pc's erg heftig pornografisch materiaal als bureaublad of screensaver of wat dan ook ingesteld. Echt zo ongeleuvelijk grappig, je wordt er gewoon onwel van zo grappig!

Op mijn werk ben ik op de IT afdeling aan het werk, ik ben alleen met twee andere, mannelijke collega's die ergens anders mee bezig zijn. Ze beginnen opeens nogal vreemd te praten over neuken, of die het met een andere collega zou doen, zoiets, en ik ben in shock, ik zit binnen gehoorsafstand. Dus ik kijk wat verstoord op, maar ze praten gewoon door; als ik even kuch kijken ze naar me, en stoppen dan het gesprek, met een soort opmerking die duidelijk aan mijn adres is bedoeld, maar heel indirect wordt gegegeven. Iets als: als je er niet tegen kan, moet je hier niet komen werken, zoiets. Ik negeer het, want ben bang voor mijn baan, die toch al niet makkelijk is.

Dat ik op de operatietafel lag, ik was al onder lichte narcose gebracht, maar door mij onbekende redenen kwam ik weer even bij op het moment dat de (ik denk) operatieassistenten mijn benen in van die beugels legden. Het waren een man en een vrouw, ik weet niet of er nog iemand bij was - ik heb het idee dat er nog een andere vrouw bij was. De man zei, terwijl ik ze de ruimte uit zag lopen: "Zo'n mooi kutje! Zonde hoor!" De vrouw reageerde op een soort quasi-toontje, lacherig: "Nou, dat zeg je toch niet!" Hij:"Waarom niet, het is toch zo?" En lachend verdwenen ze en ik verdween weer terug in mijn narcose. Overigens ook medisch gezien een compleet rare opmerking: ik kreeg een operatie aan mijn baarmoedermondwand, dat is INwendig en niet UITwendig zichtbaar, dus wat er dan verpest zou zijn aan het zogenaamd mooie uitzicht? Helemaal niets.

Mijn buikpijnen zijn echt niet te harden, ik ga weer naar mijn zoveelste huisarts, die mij was aanbevolen door een vriend. Tja. Blijkt een agressief, naar bekrompen mannetje. Wil me niet doorverwijzen, vind het allemaal onzin, ik moest maar eens een goeie vrijpartij (die heb ik inmiddels al zo vaak gehoord........). Uiteindelijk krijg ik 'mijn zin', met frisse tegenzin regelt hij een verwijzing voor verder onderzoek.
In het onderzoek blijkt dat ik een voorstadium van baarmoederhalskanker heb, ik moet behandeld daarvoor. Huisarts laat helemaal niets van zich horen.

Er was een soort buurtfestijn aan de gang. Ik liep daar ook wat rond, en kwam mijn toenmalige vlam en tevens verderop-overbuurman tegen, we praatten wat en lachten en toen liep er een groepje buren die ons aanspraken. Er vormde zich een cirkeltje mensen, en Tuut... Tuut ging VOOR mij staan. Alsof ik er niet was.
Of niet bij mocht zijn? Het was zóóó raar.

Er was een heel vreemd ongeluk gebeurt, terwijl ik naar huis liep vanuit de kroeg. Allemaal mensen erbij, ik vroeg een sigaret aan iemand, die reageerde niet. Dus ik liep door, kwam er een andere man achter me aan, of hij met me mee mocht lopen, terwijl hij dat al deed. Ik durfde niet te weigeren, hield me groot, en toen hij me opeens probeerde te zoenen, duwde ik hem van me af. In eerste instantie hield hij me vast, ik wist toch los te komen, en zei dat hij me met rust moest laten. Hij zei dat hij met me mee naar huis wilde, alleen wat drinken. Ik zei, dat mijn man daar niet echt blij van zou worden, toen ging hij vissen en ik kan in stress vrij goed liegen blijkbaar, want hij droop af. Ik had geen man.

Ik zit in de trein, overdag, het is vrij druk. Een man zit naast me, en duwt steeds weer zijn been tegen het mijne. Iedere keer schuif ik wat op, en hij begint weer opnieuw. Op zeker moment sta ik op en ga ergens anders zitten.

Er gaat het gerucht dat er een man rondloopt in het uitgaanswereldje van mijn toenmalige woonplaats, die zou zomaar vrouwen slaan of stompen.
Op een avond zat ik aan de bar in een kroeg waar ik regelmatig kwam, ik zit te praten met mensen, en opeens wordt ik heel hard gestompt op mijn rug. Voordat iemand iets kan doen, is hij al naar buiten gevlucht, en als mijn gezelschap gaat kijken is hij niet meer te zien.
Even later spreek ik een andere vrouw bij de toiletten, die nogal overstuur is, want kort daarvoor in haar gezicht gestompt door dezelfde man. Gelukkig is ze niet ernstig gewond.

Ik volgde een opleiding, vanuit een uitkeringssituatie, maar het was allemaal dramatisch slecht geregeld, en ik had daarover een brief geschreven naar het desbetreffende ambtenarengebeuren dat daarover ging. Er kwam geen antwoord. Een buurvrouw zat bij de cliëntenraad, en vroeg of ze die brief mochten plaatsen in hun blad. Prima idee! Kort nadat het blad was verschenen, werd ik gebeld door een ambtenaar, die me zei dat ik moest ophouden met al die brieven te sturen (het was 1 brief...) en als ik niet ophield, dan zou dat gevolgen hebben voor mijn uitkering. Het klonk allemaal erg dreigend en naar. Ik ben gestopt met de opleiding.

Een kunstenaar bemoeit zich op nare wijze met een vriend van me, doet vervelend tegen hem, dus ik meng me er tussen met dat het best wat minder mag. Zegt hij: "Jij moet helemaal je bek houden, je hebt niet eens tieten... vrouwen zonder tieten moeten hun bek houden!"
Geen idee, maar óf ik was vergeten mijn tieten aan te doen die avond, óf hij was zijn bril of lenzen vergeten...

Aanbellers en opbellers: lees bijvoorbeeld Flat situatie 1 en Klompenman.

In een bible-belterig plaatsje lopen wij te genieten van onze vakantie, ik en mijn zoontje. We eten een ijsje, en lopen over de stoep, zoals iedereen daar. Bij de kerk staat een groepje dames en heren te praten. Ze zien ons aankomen, draaien ons de rug toe, en doen geen stap opzij om ons erlangs te laten. Ik vraag of we er even langs kunnen, vriendelijk. Eén vrouw werpt een minachtende blik over haar schouder, maar niemand doet verder iets of zegt iets.
Dus wij lopen een stuk over de straat, om even verder de stoep weer op te gaan.

Ga met mijn zoontje op vakantie, we (ik vooral) zeul een paar grote tassen mee, we gaan met de trein. Volle coupé, ik zie dat er aan het eind nog een plaatsje lijkt vrij te zijn. Worstel ik ons daarheen, zitten er in een vierpersoonzitje twee soldaten in hun soldatentenues, de kisten op de seats voor hun. Ik vraag netjes of wij daar kunnen zitten. Nee, is het antwoord. En ze lachen er hard bij, blijven erbij ook, dat ik maar ergens anders iets zoek.
Hele volle coupé, niemand die iets zegt. Ik sleur ons verder door de trein.

Jarenlange klachten, kom bij een gynaecoloog dan eindelijk terecht. Doet heel arrogant, alsof ik zeur en het niets is etc. Uiteindelijk een paar onderzoeken.
Bij een vervolgafspraak ziet hij iets, waardoor hij een vermoeden heeft gekregen dat er toch iets aan de hand is, en daarna verandert hij opeens compleet van houding. Opeens gaat hij serieus met me in gesprek, hij luistert zelfs etc. Alsof je alleen als er iets heel ernstigs is, serieus genomen wordt.

Als alleenstaande moeder deed ik pogingen om de vader toch bij zijn kind te betrekken. Dat ging heel moeizaam, uit zichzelf deed de vader er niets voor.
Op een dag ging ik naar het grand café waar ik vaak kwam, om even een koffie te drinken, terwijl mijn kind op school was. Ik zat aan een grote tafel, meerdere bekenden kwamen erbij zitten, of gingen weer weg. De vader zat er ook, en op zeker mo ment, terwijl het net erg druk was, en alle tafels en stoelen rondom ons bezet, vroeg hij op luide toon, terwijl hij zijn portefeuille trok, of ik soms wat geld nodig had 'voor de kleine'.
Ik heb vriendelijk bedankt, ik wilde geen scene maken en ben rustig weggegaan, terwijl zo ongeveer de stoom uit mijn oren kwam.

Op vol terras, als ik aan kom lopen: Hee Hannah, hee, kom 's met je arm? Ik: ... wat? Hij, komt naast me staan en houdt zijn stevige, zongebruinde arm naast mijn witte dunne polsje, en zegt heel hard, terwijl hij triomfantelijk om zich heen kijkt: Nou, jij mag wel eens wat meer in de zon zitten hoor! Hahahahahahahahahahaaaa!" en ik zie andere mensen gniffelen. Ik: ....

We waren gewoon vrienden, uitgeweest, na afloop dronk ik nog wat bij hem thuis. Na een tijdje vraagt hij of ik bij hem wil blijven die nacht. Gewoon slapen. Lekker bij elkaar liggen, okee, wat knuffelen misschien. En ik geef duidelijk aan dat ik dat niet wil. Wordt hij geïrriteerd, en wil in discussie daarover. Wtf.

Lees Flat situatie 2.

Lees Flat situatie 1 en Klompenman.

Ik woonde op een zolderverdieping, onder mij woonde een jonge man, op de benedenverdieping werd nog geklust. De gemeenschappelijke douche, wc en keuken was op de 1e verdieping, de jonge man maakte daar dus ook gebruik van.
De jonge man had een vriendin, maar op een ochtend dat ik uit de keuken kwam, zag ik hem met een andere vrouw, en de nacht was niet bepaald zacht verlopen, oftewel hij was vreemd gegaan. Tja, i couldn't care less, maar later op de dag, toen ik weer even in de keuken was, kwam hij op agressieve manier zijn kamer uit, en zei me dat ik mijn bek moest houden, anders zou ik echt een probleem gaan krijgen, en:"Je hebt niets gezien, ja! Je hebt niets gezien!" en stormde weer terug zijn kamer in, terwijl ik nog wat stond te stamelen.

Ik woonde op een zolderverdieping, als je de trap opging, dan was er een klein overloopje, met aan beide zijden een kamer: mijn woonkamer en slaapkamer. Er zaten geen dichte deuren voor de kamers, maar van die louvredeurtjes.

Op een nacht werd ik wakker van gestommel. Het was op mijn trap, en ik schrok me te pletter. Het was donker, de stommelende persoon deed geen licht aan. Wie kon dat zijn, wat was het? De persoon stond op de overloop, zwaar hijgend, en ik hoorde wat bij de deurtjes, die ik overigens wel met een soort gammel slotje dicht had gedaan (één duw en het sprong open natuurlijk). Ik had het idee dat de persoon naar binnen stond te gluren, en toen realiseerde ik mij, dat het de huisbaas was.
Dus besloot ik te vragen wat hij daar aan het doen was, en hij schrok daarvan, en mompelde wat, dat hij kwam kijken of alles goed was. Dus ik zei dat alles goed was, en vroeg of hij weg wilde gaan. Toen mompelde hij wat, duidelijk dronken, en stommelde weer naar beneden.
Het was echt doodeng, temeer daar op de benedenverdieping de achterste ramen open waren, en er weinig tot geen bouwactiviteiten waren. Wie wilde, had daar zo naar binnen kunnen klimmen. Gelukkig kreeg ik een paar maanden later een ander huis.

Op een station in Frankrijk, op doorreis, ik moet een tijd wachten, ga ik naar het toilet. Een man bleek me gevolgd te zijn, en grijpt me vast - er is niemand anders. Hij is heel dreigend, begint aan me te zitten, en zoent me, ik laat het omdat ik doodsbang ben en verzin een list om weg te komen. Als ie even stopt, zeg ik op expres vrij hysterische manier, dat ik met de trein moet, en dat ik die ga missen, en ik doe echt weird en overdreven, en ik zie dat hij denkt: wtf is dit voor idioot!? en dat is helemaal prima, want hij laat me los en ik kan snel de toilet uitkomen, en hij komt niet achter me aan gelukkig.

Ik heb dit nooit verteld aan iemand, want ik schaamde me, dat ik hem liet begaan in eerste instantie en ik voelde me vies.

Het hele verhaal vind je HIERO, maar een klein stukje hoort hier toch ook echt wel thuis:
"ik belandde in het kantoor van een aantal rechercheurs. Er werd iemand bijgehaald, die wél een paar woorden Engels sprak. Zodoende bleek dat ze ons verdachten van vreemde geldpraktijken, ze vroegen zich voornamelijk af wat wij toch steeds bij die twee banken deden.
Godsallemachtig. Met veel moeite probeerde ik het uit te leggen. Hoe ik in het ziekenhuis was beland, dat het geld op was, etcetera. Inmiddels was er een klein legertje aan rechercheurs, allemaal mannen, komen opdraven, die het allemaal erg vermakelijk vonden. Ik moest mijn broekspijpen omhoog doen, zodat ze mijn benen – die verbrand waren geweest – konden checken.
Er werd gelachen, er werden seksistische opmerkingen gemaakt, mijn tas werd ondersteboven leeggegooid (daar was ik inmiddels wel gewend aan), er werden grappen gemaakt over de tampons die eruit vielen."

Matthieu noem ik hem, omdat ik hem na ruim 40 jaar nog steeds liever niet zijn aandacht trek.
We leerden elkaar kennen, nadat ik al een vrij heftige relatie met een verslaafde man achter de rug had. Ik was labiel, had geen adequate hulp. En hij was leuk , grappig, aardig. Wat dwingend soms wel. Maar in het begin ging het goed, we waren een leuk stel. Totdat er een keer iets raars was, hij was niet echt heel boos, maar probeerde me vast te pakken, en ik voelde er iets vreemds bij, ik kan het niet goed uitleggen wat het was, ik wist ook niet wat het was.
Korte tijd daarna begon hij me te slaan. Hij kreeg woede-uitbarstingen, vooral gerelateerd aan dat hij jaloers was. Daar begon het denk ik mee. Maar steeds vaker werden het issues om bijna niets. De mishandelingen werden erger. Hij sloeg me bijvoorbeeld met een streng samengebonden elektradraden, op mijn rug, zodat niemand er iets van zag.
Ik werd bang, erg bang. Ik heb nog ergens een foto van mezelf, ik lijk een geest en ik zie mezelf er bijna niet in terug, ik zie alleen angst.
Verschillende keren probeerde ik bij hem weg te komen, dat mislukte voornamelijk omdat anderen hem dan zeiden waar ik was. Niemand nam het serieus. Verscheen ik weer eens ergens met een blauw oog ten tonele, werd er schertserig vermanend tegen hem gesproken.

Op een nacht maakte hij me wakker, razend was hij, en ik had geen idee wat er was. Volgens hem had ik een mannennaam genoemd in mijn slaap. We waren nog niet zo lang daarvoor verhuisd, en daarboven woonden een paar jongens, één daarvan leek door te hebben wat er aan de hand was, en had al eens voorzichtig geïnformeerd of alles wel goed ging. Ik kon daar niet op antwoorden, zo bang was ik; niet alleen voor mezelf, maar ook voor wat Matthieu hém zou kunnen aandoen. Matthieu's woede was zo hevig, dat hij een glazen asbak door de kamer gooide. Met een grote scherf daarvan dreigde hij mij mijn keel door te snijden. In een reflex (ik zat tegen de muur in een hoek van de kamer, waar hij me in had gesmeten) trok ik mijn knie op, en zodoende sneed hij in mijn been. Zelfs Matthieu trok wat wit weg nu, en verbond mijn been zo goed en zo kwaad als het kon, en hij bracht me naar het ziekenhuis. Gelukkig was de dienstdoende verpleegkundige zo slim, om te zeggen dat hij er niet bij mocht vanwege besmettingsgevaar, protocol en nog zowat, en terwijl hij koffie was halen, vroeg ze me rechtuit, of hij dat had gedaan. Ik had ook wurgplekken op mijn keel, btw. Ik durfde alleen te knikken. Toen vertelde ze me over opvanghuizen, en dat er hulp mogelijk was enzovoort. Dat is blijven hangen bij me.

Een week of twee later, we waren aan het ontbijten, was Matthieu weer zo boos over iets. Hij wilde dat ik mijn vader zou bellen over geld en wat al niet, en toen ik naar buiten liep om naar de telefoon te gaan in een kroeg even verderop, smeet hij nog een ontbijtmes achter me aan, dat afketste op de deurpost. Dat is het laatste contact dat ik ooit nog met hem had. Ik ben niet naar de kroeg gegaan, maar doorgelopen. Ik ging eerst naar mijn moeder, die aan de andere kant van de stad woonde. Met schaamte vertelde ik dat we vaak heel erg ruzie hadden, en dat hij me mishandelde. Het enige dat zij zei: "Iedereen heeft wel eens ruzie, zo gaat dat nou eenmaal." En dat ik het zelf moest oplossen. En ze ging weg, want ze moest boodschappen doen.
Radeloos was ik, want wat zou er wel niet gebeuren, als hij me zou komen ophalen? Snel bladerde ik door de Gouden Gids, en vond het crisiscentrum. Daar ben ik heen gegaan, weer dwars door de stad, met het risico Matthieu tegen te komen. Helaas konden ze me daar niet helpen, maar ze hadden wel het nummer van het Blijf van m'n Lijf huis, die belden ze voor me. Aan de telefoon werd me gezegd, dat ik naar een bepaalde plek moest komen, en dan weer moest bellen, dan zou ik daar worden opgehaald.

Wéér dwars door de stad, weer in angst, weer bellen, wéér helaas, want toen werd me verteld, dat ik niet in dezelfde stad kon blijven (logisch, alleen dat wist ik toen natuurlijk niet). Ik had de keuze uit twee steden, en koos toen de stad die niet bekend was bij Matthieu, want anders zou ik hem misschien toch weer tegenkomen. En daarna moest ik dus wéér dwars door de stad, naar het station. Ik had geen geld voor een treinkaartje, in de trein zat ik tussen een dameskransje die fijn een dagje weg gingen. De conducteur pikte me ertussen uit, ik legde het uit, maar hij wilde het niet geloven, of weet ik het, en dus kreeg ik een boete. Die ik overigens nooit betaald heb; iedere keer kwam er een verhoging op, en uiteindelijk werd ik bij verstek veroordeeld tot een paar honderd gulden, of een paar dagen zitten. Het kaartje was 7 gulden. Blijkbaar is het verjaard, ik heb er nooit meer iets van gehoord, zelfs niet toen ik naar de USA ging :-).

Maar goed, uiteindelijk woonde ik 3 lange maanden in een Blijf van m'n Lijf huis. Het heeft me het leven gered. En ik kan vertellen hoe het verder met Matthieu ging, daar weet ik nog wel het één en ander over, nog wel wat rare dingen ook, jaren later. Misschien een andere keer.

Wat ik wel kan vertellen: jarenlang ben ik bang geweest, soms op straat zag ik iemand die in de verte op hem leek, dat was echt heel angstig altijd. Dat is langzaam gesleten. Nog steeds echter droom ik met enige regelmaat over hem. Meestal dat ik hem tegenkom, en met hem mee moet, en dat ik dan allemaal dingen probeer te verzinnen om van hem af te komen. Waarbij me opvalt, dat ik in die dromen nog nooit geweld tegen hem heb gebruikt, terwijl je toch zou denken dat je dat wel zou dromen. Het zijn altijd wel dromen, waarin de dreiging van mogelijke mishandeling van zijn kant, heel erg in de lucht hangt, het is heel bedreigend en eng, en ik voel me altijd rot als ik dat gedroomd heb. Maar tegelijkertijd ook wel blij dat ik het overleefd heb (tot nu toe, ik houd altijd een slag om de arm - en dat is eigenlijk ook best wel erg).

Was in de kroeg geweest, bijna sluitingstijd en ik ging naar huis, alleen, zoals meestal. Het was ongeveer 10, 15 minuten lopen. Het was vrij rustig op straat, en na enige tijd viel me op dat ik nog steeds dezelfde voetstappen achter me hoorde. In plaats van achterom te kijken, leek het me verstandiger om te doen alsof ik niets doorhad. Ik kon ook niet veel doen; een mobiele telefoon hadden we toen nog niet. Eerder op de avond had het geregend, en ik had dus wel een vrij stevige paraplu bij me.
De voetstappen kwamen steeds dichterbij, terwijl ik toch best snel liep. Ik besloot dat ik iets moest doen, en het leek me slim om tot vlak voordat ik bij mijn straat was, op de hoek, een ram met m'n paraplu te geven, indien nodig, zodat ik dan snel naar mijn huis kon rennen.
Toen de voetstappen echt pal achter me waren, heb ik een enorme klap naar achteren gegeven met m'n plu, en ben toen snel naar huis gerend. Daar was de voordeur altijd open, ook omdat er meerdere honden in huis waren, die luid begonnen te blaffen. Meteen deed ik de deur achter mij op slot, en wachtte af. Niets. Geen voetstappen, geen verdachte schaduwen toen ik naar buiten gluurde. De honden moesten nog worden uitgelaten, dus dat heb ik toen, met enige angst, toch maar gedaan, allebei aan de lijn, even kort op het grasveldje voor het huis.

De volgende dag heb ik nog gekeken of er ergens een paraplu lag, maar helaas, die was ook verdwenen.

Was met schoolreis naar Praag. We verbleven daar in een groot hotel, en er waren veel militairen in dat hotel. In de hele stad, want het was de 1-mei-viering, en dat ging toen - Praag bevond zich nog achter het zogenoemde "IJzeren Gordijn"- gepaard met veel militair vertoon. Met een paar vriendinnen zaten we al een tijdje op onze kamer, we zaten op de tigste verdieping en we gingen nog niet slapen, en dus hadden we onze gordijnen niet dicht. Op zeker moment draaide ik mijn hoofd naar het raam, en zag ik een mannengezicht in een spiegel die buiten een raam naast ons werd gehouden.

Yikes! Ik werd begluurd! Ik sloeg alarm, we deden snel onze gordijnen dicht.
Toen we de volgende ochtend onze kamer uitgingen, stonden er een paar militairen in ondergoed bij hun deur, de deur van de kamer naast ons. We verstonden ze niet, en dat was waarschijnlijk maar goed ook. Ik denk maar ik kan het me niet meer precies herinneren, dat we het aan onze docenten hebben doorgegeven, die hebben waarschijnlijk de hotelmanager erop aangesproken.

De zoveelste keer dat ik was weggelopen van huis, ik was met vrienden in een muziekcafé, waar helaas ook veel Angels kwamen. Een wat oudere jongen van school had teveel gedronken, en zat buiten tegen de muur van het café. Ik zag hem zitten, en een paar Angels scholden hem uit, bedreigden hem ook. Dus ik besloot hem te helpen, en onder verder gescheld van die gasten trok ik hem overeind en ondersteunde hem richting zijn huis. Dat was nogal een tocht met belemmeringen, en uiteindelijk heb ik hem ergens op een rustige plek op een bankje moeten achterlaten, hij wilde niet meer lopen. Op de Grote Markt had ik de keus tussen twee routes, en ik zag een paar jongens op een fiets een paar meiden lastigvallen bij route 1, dus ging ik de andere route. Terwijl ik door het straatje liep, hoorde ik opeens toch een fiets achter me aankomen. De twee jongens probeerden me vast te pakken, maar ik was blijkbaar in een adrenalinemoment erg sterk geworden, want met één harde dreun op de ene zijn gezicht schrokken ze en lieten me los. Ik rende weg, pas straten verder keek ik naar mijn hand. Het deed pijn, en er zat bloed op, maar toen ik het wegveegde bleek het niet van mij te zijn.

Ik ging terug naar het café, want daar waren mijn andere vrienden tenslotte. Tot mijn grote verbazing werd ik toen ik binnenkwam uitgescholden voor hoer, door een paar Angels die bij de ingang stonden. Er bleek een nogal heftige toestand opeens te zijn, en mijn vrienden trokken me mee naar buiten, en snel gingen we ervan door. Eén van hen, Tim, vroeg me waarom ik in godesnaam terug was gekomen. Ik begreep er niet veel van. Ik had toch niets gedaan? Ik had juist iemand geholpen en naar huis gebracht (nouja, richting huis dan)! Waarom ben je dan een hoer?

Ergens rond dezelfde tijd, is een vroeger buurmeisje van mij verkracht door meerdere Angels. Ik heb gezocht naar krantenartikelen, het enige dat ik kan vinden en dat lijkt op de beschrijving zoals ik die gehoord heb, is uit 1978. De naam van het slachtoffer is echter anders, maar misschien is dat uit veiligheidsoverwegingen veranderd, ik weet het niet. Wel dat het gruwelijk is, wat ze haar hebben aangedaan.

Steeds vaker ging ik van huis weg, soms kwam ik 's nachts niet meer thuis, ik wilde daar niet meer zijn, ik wist niet wat ik wilde eigenlijk. In de kroeg leerde ik weer nieuwe mensen kennen, één van hen vond ik erg leuk en grappig. Ik was niet geïnteresseerd in seks. Zoenen vond ik wel okee, maar natuurlijk ook niet zomaar met iedereen. En toen dat vriendje met me zoende in een steegje, okee, prima. Maar al snel duwde hij, zonder consent, mijn hand in zijn broek, en ik wilde dat niet, en ik stribbelde tegen, en toen werd hij boos.
Pas toen hij zag dat ik bijna in huilen uitbarstte, herstelde hij zich en verontschuldigde zich enigszins, met zoiets als: ik kon toch ook niet weten dat je dat niet wilt. Terwijl: hij had niets gevraagd of gezegd, maar dwong me.

Ik vond piemels vies, en dat vind ik nog steeds wel eigenlijk. Vagina's ook trouwens.

Op de middelbare school werkte ik in de pauzes en 's middags in de soos. Zodoende ging ik ook wel met oudere scholieren om. Er was een jongeman met krullend haar, ik keek nogal tegen hem op (ik keek denk ik tegen iedereen op toen), hij wilde graag acteur worden en naar de toneelschool. Laat ik hem Piet noemen. Hij wilde een keer met me afspreken en ik was wel verbaasd, maar natuurlijk wilde ik dat ook. We gingen fietsen, naar de duinen.
Ik was compleet bleu, had nergens aan gedacht dan gewoon naar de duinen gaan; ik ging vaak met vrienden naar de duinen, dat is vrij logisch want we woonden daar dichtbij. Dus toen hij begon te zoenen, dacht ik nog steeds niet echt veel verder dan dat. Tot hij zijn broek losmaakte en vroeg of ik 'bananenschillen' bij me had. Ik had geen flauw idee waar hij het over had, en toen ik dat duidelijk kon maken, reageerde hij zwaar geïrriteerd. "Je weet toch wel wat dat zijn, condooms!"
Hoe het precies verder ging, weet ik niet meer, behalve dat hij boos was, en we zijn meteen naar huis gegaan, ik voelde me echt heel akelig erover. De week daarop of zo, vroeg hij me mee naar de film, maar ik verzon een smoes dat ik niet mocht, want ik was de boosheid niet vergeten en durfde niet te weigeren, bang dat hij zou uitschelden.
Mijn moeder stond me boos op te wachten toen ik die middag thuiskwam. Ene Piet had gebeld, en gevraagd waarom ik niet met hem mee naar de film mocht. En dat ik geen leugens moest vertellen. De verhoudingen thuis waren inmiddels al zo verstoord, dat ik uit mezelf niet meer naar mijn moeder (en mijn vader al helemaal niet) zou gaan met een probleem. Ik weet niet meer of ik het toen goed heb kunnen uitleggen. Ik weet nog wel de ochtend daarna, dat ik Piet in de fietsenkelder, waar ook de soos was, tegenkwam.
"Stomme trut!" Daarna had ik een hekel aan hem.

Hoe noem ik hem? O ja, 'Karel'. Karel had een baan, en een vrouwelijke leidinggevende, waar hij een nogal hartgrondige hekel aan had. Daar had hij het vaak over. Karel had dan ook wel een bijzondere kijk op vrouwen; mijn moeder lag in het ziekenhuis, vanwege problemen tijdens de zwangerschap van mijn jongste broertje. Dus hadden we een 'gezinsverzorgster', die het huishouden deed, en zorgde dat er te eten was, dat moest dan wel door ons worden klaargemaakt, want zij ging om half vijf of zo naar huis. Mijn oudste zus woonde niet meer thuis, mijn broer en vader werkten, en dus moest ik dan koken. We aten heel veel ravioli uit blik (de gezinsverzorgster bedacht wat er gegeten werd, veel fantasie en/of vertrouwen in dat ik wel kon koken had ze waarschijnlijk niet).
Tijdens etenstijd maakte Karel vaak denigrerende opmerkingen over vrouwen, en dan zeker richting mij, zo semi-grappend dat vrouwen achter het aanrecht hoorden en zo. Mijn vader lachtte altijd alles weg.

1977-1979 ergens dezelfde tijd, Saskia was inmiddels met René. Ik was bij hem thuis, wsl vanwege een broer, weet niet meer, en René bood aan me naar huis te fietsen. Bij een park wilde hij stoppen, en toen zoende hij me, bij een boom hebben we toen - ik dacht heel romantisch - verder gezoend. Tot hij stopte en me dreigde iets aan te doen (fysiek geweld, ik weet niet meer wat) als ik het tegen Saskia zou vertellen. Daarna duwde hij me hard weg, en vertrok, mij alleen achterlatend in het park, in het donker.

Ik was een jaar of 14, 15. We woonden met het gezin in een rijtjeshuis, mijn kamer was op zolder. Mijn oudste broer (5 jaar ouder), ik zal hem Karel noemen maar dat is niet zijn echte naam, had een kamer op de 1e verdieping, de deur keek uit op de zoldertrapopgang. De badkamer was ook op de 1e verdieping, en er was geen slot op de deur. Steeds vaker kwam hij zomaar binnen als ik daar was. Ik vond het heel vervelend. Ik gaf het aan bij mijn ouders, en zei dat er een slot op de deur moest komen, maar dat vonden ze onzin, en ze leken het grappig te vinden dat mijn broer dat deed. Ik kan me nog het gezicht van vader herinneren: schijnheilig doen alsof er niets is. Ik vond het vreselijk, en durfde niet meer te douchen, of me uit te kleden. Dat moest natuurlijk wel, want je moet je wassen, dus het was nogal een helse opgave iedere ochtend: Karel deed dat niet iedere dag, maar dat weet je natuurlijk niet vantevoren.

Op een ochtend kwam ik de zoldertrap af, en toen stond Karel in zijn deuropening. Hij had alleen een overhemd aan, niets daaronder en ik zag zijn piemel eronder. Toen zei hij: "Weet je waar mijn zakkammetje is?" en hij lachte er heel onaangenaam bij.
Ik zei 'nee' en ging zo snel mogelijk langs hem heen, ik was heel erg geschrokken.
Op een gegeven moment vertelde ik het aan mijn beste vriendin, Saskia. Ze reageerde echt heel erg fout; ze zei dat ik niet van die rare dingen moest verzinnen, en kort daarna maakte ze me belachelijk tegenover haar vriendje, omdat ik in de klas heel onzeker was en soms keek hoe zij dingen deed, dan deed ik dat ook. (autisme dingetje). Die vriendschap was dus over. En ik durfde het daarna aan niemand meer te vertellen.

Met het hele gezin op vakantie. Ik weet niet meer of het jaartal klopt, misschien was het iets eerder al. We verbleven in Mulhouse, en gingen een dagje naar Strassbourg. Op zeker moment merkte ik, dat er een oudere man, met een nogal pokdalig gezicht, steeds weer opdook en naar me keek. Ik vond het eng. Mijn ouders vonden het grappig, maar ze deden er niets tegen. Hij volgde ons een tijd, en bleef maar naar me kijken. Als ik het me goed herinner, gingen we op een gegeven moment per auto weer weg, en toen hield het op. In de auto werd er nog fijn nagegniffeld. Ik was confused.

Het was op de lagere school, na schooltijd, een oudere jongen zei dat hij me iets wilde laten zien, en ik vroeg wat dat dan was, en hij zei dat ik maar even mee moest lopen. Achter het gebouw greep hij me vast, duwde me tegen het hek en begon te zoenen en aan me te zitten. Ik worstelde en probeerde los te komen, maar hij had me in een ijzeren greep. Na enige tijd liet hij me gaan, en schold me uit terwijl ik wegrende. Ik durfde het tegen niemand te zeggen.

Herinneringen aan toen ik een jaar of zes was.
Herinnering 1:
We woonden in een groot jaren-30 huis, de zolder was gesplitst in een grote kamer voor mijn oudste broer, daarnaast was een rommelzoldertje en een deel daarvan was mijn vaders domein, met gereedschap en een werkbank. Mijn vader zat op een krukje, hij drukte me stevig tegen zich aan met mijn rug naar hem toe, en kuste me in mijn nek zoals vaders dat wel doen, op een wat grappige manier, dat was niet vreemd. Maar zijn handen gingen over mijn lichaam en met een beetje vreemde stem zei hij toen:"Je krijgt al borstjes." en ik vond het heel vervelend en wilde weg. Verder kan ik me niets herinneren, behalve dat hij voordat ik naar beneden mocht, me toesiste dat ik niets tegen mijn moeder mocht vertellen, en hij dreigde me met iets, er zou een straf zijn maar ik kan me niet herinneren wat dat zou zijn.

Herinnering 2:
Ik was in mijn kamer, de deur van mijn kamer was naast de zoldertrap. Mijn vader riep, dat ik naar de zolder moest komen. Ik weigerde. Wat daar verder gezegd is weet ik niet meer.
De dag daarna zou hij me met de auto naar school brengen. Ik was echt gek op die auto, mocht er wel eens in spelen, dus voor mij was het echt heel leuk om zo naar school te mogen; normaal gesproken ging ik lopend. Toen ik aan het ontbijt was nog, hoorde ik mijn vader weggaan. Hij had niets gezegd, negeerde me compleet. Ik rende naar buiten, achter hem aan, maar hij deed net alsof ik niet bestond, stapte in de auto, en reed weg, met mij huilend er achteraan rennend, tot mijn moeder mij naar binnen riep. Ik kan me nog herinneren, dat het voor mij voelde als een straf. Was dat de straf waarmee hij mij gedreigd had? Ik heb geen idee. Ik kan me ook niet herinneren dat ik iets tegen mijn moeder heb verteld, maar dat zou ook best goed wel kunnen, geen idee.

Ik denk niet dat er meer dingen gebeurd zijn tussen ons, maar dat weet ik ook niet zeker. Ik heb wel al mijn hele leven dromen over zolders, waarin ik door een deurtje moet, en dat deurtje wordt steeds kleiner, zodat ik er steeds moeilijker doorheen kan. Later bedacht ik, dat het deurtje symbool staat voor het feit dat ik groter ben geworden sindsdien.
Mijn vader is overleden in 2016, ik heb nooit met hem erover gesproken.

Mijn vader had op zeker moment drie brillenwinkels. En hij had dus ook personeel. Eén heel aardige, blonde, vrouw, Monique, werkte als verkoopster. Soms waren wij kinderen wel eens in de winkel, en soms was zij weleens bij ons thuis. Ik was een beetje haar oogappeltje, denk ik. Ze deed soms lieve dingetjes voor me; ze nam me eens mee naar het circus, en we zaten helemaal vooraan, in de speciale loge-bak, want ze had een perskaart. Geen idee hoezo of waarom ze die had, maar goed. Dat er een nijlpaard opeens over de rand denderde, was een stuk minder maar dat had zij niet kunnen weten. En ze beschermde me ook meteen, en droogde mijn tranen.
Ze had ook een keer hele mooie bloemen van crèpe-papier voor me neergezet op mijn kamer, terwijl ik al sliep. Waarschijnlijk was ik wakker geworden toen ze de deur dichtdeed, en ik wist natuurlijk van niets. In het schemerduister zag ik een aantal hele enge vormen, en heb uren in angst wakker gelegen. Om de volgende dag die mooie bloemen te zien....

Op een dag kwam ze met haar vriend, verloofde, man bij ons langs. Ik kan me nu nog een soort jaren-zestig entourage herinneren, zij als blonde dame met een mooie jurk en schoenen, en hij in een pak, hij leek wel wat op Gert van Hermien denk ik, met van dat gladde naar achteren gekamde, zwarte haar. Hij vond alles grappig en lachte veel en hard. Ik was het lieve schattige meisje, en ik was aan het vertellen over dat ik tijdens een verjaardagsfeestje bijna gestikt was in een toverbal, en dat een alerte ouder me toen in één keer aan mijn enkels had gepakt en opgetild, zodat het uit mijn keel schoot. De Lul De Behanger in pak vond het blijkbaar een goed plan, om dat nog even over te doen, zonder mijn of wiens consent dan ook. Dus daar hing ik, mijn jurkje over mijn hoofd, in mijn onderbroek, in de handen van die gast, en iedereen lachen, maar toen Monique zag dat ik heel erg was geschrokken beval ze hem om me neer te zetten en troostte ze me. Mijn ouders vonden dat onzin, en lachten gezellig mee.

terug naar boven

DateTime: 2023 juni 14, 00:10 CET
LatestEdit: 2024 apr 11, 20:53 CET
Auteur: Mulder

Tags:
 femicide 
 misogynie 
 seksisme 
 seksueel misbruik 
 seksuele intimidatie 
 straatintimidatie 
 vrouwenhaat 

  
Categorieën:
 Verhalen 

© 2022-2150 hannah celsius